wetzoeker

Artikel 10 Europese Overeenkomst nopens de arbeidsvoorwaarden voor de bemanningen van motorrijtuigen in het internationale vervoer over de weg (AETR)

1 De Overeenkomstsluitende Partijen dienen de installatie en het gebruik van een controleapparaat voor te schrijven in op hun grondgebied ingeschreven voertuigen overeenkomstig de voorschriften van deze Overeenkomst en de bijlage en de aanhangsels daarbij.

2 Het controleapparaat in de zin van deze Overeenkomst dient voor wat betreft constructie, installatie, gebruik en beproeving te voldoen aan de voorschriften van deze Overeenkomst, de bijlage en de aanhangsels daarbij.

3 Een controleapparaat dat voldoet aan Verordening (EEG) nr. 3821/85 van 20 december 1985 van de Raad voor wat betreft constructie, installatie, gebruik en beproeving wordt aangemerkt als beantwoordend aan de voorwaarden van deze Overeenkomst, de bijlage en de aanhangsels daarbij.

Regeling
Europese Overeenkomst nopens de arbeidsvoorwaarden voor de bemanningen van motorrijtuigen in het internationale vervoer over de weg (AETR)
Afkortingen
AETR
Soort
Verdrag
Geldend vanaf
23-04-2022
BWB-id
BWBV0004455
Versie
2022-04-23_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl