wetzoeker

Artikel 59 Overeenkomst tot oprichting van de Afrikaanse Ontwikkelingsbank, gedaan te Khartoem op 4 augustus 1963, zoals gewijzigd bij Resolutie 05-79 aangenomen door de Raad van Bestuur op 17 mei 1979

RECHTSPOSITIE, IMMUNITEITEN, VRIJSTELLINGEN EN VOORRECHTEN

De in dit hoofdstuk genoemde immuniteiten, vrijstellingen en voorrechten worden verleend in het belang van de Bank. Het College van Bewindvoerders kan, in de mate en op de voorwaarden door dit College te bepalen, de in de artikelen 52, 54, 56 en 57 van deze Overeenkomst genoemde immuniteiten en vrijstellingen niet van kracht verklaren, wanneer zulks naar zijn mening in het belang van de Bank zou zijn. De president van de Bank heeft het recht en de plicht afstand te doen van de immuniteit van een personeelslid in gevallen waarin naar zijn mening deze immuniteit de rechtsgang zou belemmeren en er afstand van kan worden gedaan zonder het belang van de Bank te schaden.

Regeling
Overeenkomst tot oprichting van de Afrikaanse Ontwikkelingsbank, gedaan te Khartoem op 4 augustus 1963, zoals gewijzigd bij Resolutie 05-79 aangenomen door de Raad van Bestuur op 17 mei 1979
Soort
Verdrag
Geldend vanaf
05-07-2002
BWB-id
BWBV0004446
Versie
2002-07-05_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl