wetzoeker

Artikel 56 Overeenkomst tot oprichting van de Afrikaanse Ontwikkelingsbank, gedaan te Khartoem op 4 augustus 1963, zoals gewijzigd bij Resolutie 05-79 aangenomen door de Raad van Bestuur op 17 mei 1979

RECHTSPOSITIE, IMMUNITEITEN, VRIJSTELLINGEN EN VOORRECHTEN

Alle bestuurders, bewindvoerders, plaatsvervangers, het leidinggevend en ander personeel van de Bank alsmede deskundigen en adviseurs die een missie voor de Bank vervullen:

i. genieten immuniteit van rechtsvorderingen in verband met handelingen, die zij uit hoofde van hun ambt hebben verricht,

ii. genieten indien zij geen onderdanen zijn van het land waar zij zich bevinden, dezelfde onschendbaarheid ten aanzien van immigratiebeperkingen, registratieplichten voor buitenlanders en nationale dienstplicht en dezelfde faciliteiten ten aanzien van deviezenbepalingen als door de leden aan de vertegenwoordigers, ambtenaren en employés van vergelijkbare rang in dienst van andere leden worden toegekend; en

iii. genieten dezelfde behandeling ten aanzien van reisfaciliteiten als door de leden aan de vertegenwoordigers, ambtenaren en employés van vergelijkbare rang van andere leden wordt toegekend.

Regeling
Overeenkomst tot oprichting van de Afrikaanse Ontwikkelingsbank, gedaan te Khartoem op 4 augustus 1963, zoals gewijzigd bij Resolutie 05-79 aangenomen door de Raad van Bestuur op 17 mei 1979
Soort
Verdrag
Geldend vanaf
05-07-2002
BWB-id
BWBV0004446
Versie
2002-07-05_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl