wetzoeker

Artikel 2 Overeenkomst tussen de Regering van het Koninkrijk der Nederlanden en de Regering van de Hongaarse Volksrepubliek betreffende het internationale wegvervoer

Personenvervoer

1 De geregelde autobusdiensten tussen beide landen of in transito over hun grondgebied worden in onderlinge overeenstemming door de bevoegde autoriteiten van de Overeenkomstsluitende Partijen goedgekeurd.

2 De bevoegde autoriteiten van de Overeenkomstsluitende Partijen verlenen de vergunning voor het gedeelte van het traject dat op hun grondgebied is gelegen op basis van wederkerigheid, behoudens in gevallen waarin door de bevoegde autoriteiten van de Overeenkomstsluitende Partijen anders wordt besloten.

3 De bevoegde autoriteiten van de Overeenkomstsluitende Partijen stellen in onderling beraad de voorwaarden vast waarop de vergunningen worden verleend; zij nemen met name beslissingen over de geldigheidsduur van de vergunningen en over de vorm waarin zij hun goedkeuring verlenen aan de frequentie der vervoersexploitatie, de dienstregeling en de toe te passen tarieven.

4 Aanvragen om vergunningen dienen vergezeld te gaan van de benodigde bescheiden (voorgenomen reisroute, dienstregeling en tarief, plan van de jaarlijkse exploitatie, opgave van de beoogde datum van aanvang van de dienst).

Voorts kunnen de bevoegde autoriteiten van de Overeenkomstsluitende Partijen andere door hen wenselijk geachte inlichtingen vragen.

Regeling
Overeenkomst tussen de Regering van het Koninkrijk der Nederlanden en de Regering van de Hongaarse Volksrepubliek betreffende het internationale wegvervoer
Soort
Verdrag
Geldend vanaf
14-04-1971
BWB-id
BWBV0004402
Versie
1971-04-14_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl