wetzoeker

Nr. II Notawisseling houdende een verdrag tussen het Koninkrijk der Nederlanden en de Haagse Conferentie voor Internationaal Privaatrecht inzake de registratie van stagiairs

HAAGSE CONFERENTIE VOOR INTERNATIONAAL PRIVAATRECHT

ANTWOORDNOTA

Den Haag, 18 mei 2010

De Haagse Conferentie voor Internationaal Privaatrecht biedt het Ministerie van Buitenlandse Zaken van het Koninkrijk der Nederlanden haar complimenten aan en heeft de eer de ontvangst te bevestigen van nota DJZ/VE-312/10 van het Ministerie van 4 mei 2010, die luidt als volgt:

(Zoals in Nr. I)

De Haagse Conferentie voor Internationaal Privaatrecht heeft de eer het Ministerie van Buitenlandse Zaken ervan in kennis te stellen dat het voorstel aanvaardbaar is voor de Haagse Conferentie voor Internationaal Privaatrecht. De Haagse Conferentie voor Internationaal Privaatrecht stemt er dienovereenkomstig mee in dat de nota van het Ministerie en dit antwoord een verdrag zullen vormen tussen de Haagse Conferentie voor Internationaal Privaatrecht en het Koninkrijk der Nederlanden. Dit Verdrag wordt voorlopig toegepast vanaf de datum van dit antwoord en treedt in werking op de dag waarop beide Partijen elkaar schriftelijk ervan in kennis hebben gesteld dat aan de wettelijke vereisten voor de inwerkingtreding is voldaan.

De Haagse Conferentie voor Internationaal Privaatrecht maakt van deze gelegenheid gebruik om het Ministerie van Buitenlandse Zaken van het Koninkrijk der Nederlanden opnieuw te verzekeren van haar zeer bijzondere hoogachting.

Ministerie van Buitenlandse Zaken

van het Koninkrijk der Nederlanden

Den Haag

Regeling
Notawisseling houdende een verdrag tussen het Koninkrijk der Nederlanden en de Haagse Conferentie voor Internationaal Privaatrecht inzake de registratie van stagiairs
Soort
Verdrag
Geldend vanaf
29-02-2012
BWB-id
BWBV0004309
Versie
2012-02-29_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl