wetzoeker

Artikel 7 Verdrag tussen het Koninkrijk der Nederlanden en de Bondsrepubliek Duitsland ter verdere vereenvoudiging van het rechtsverkeer, zoals geregeld bij het op 1 maart 1954 te 's-Gravenhage gesloten Verdrag betreffende de burgerlijke rechtsvordering

De diplomatieke of consulaire vertegenwoordigers der beide Staten kunnen rogatoire commissies, waarbij eigen onderdanen moeten worden gehoord, rechtstreeks uitvoeren zonder dat daarbij enig dwangmiddel mag worden aangewend. De nationaliteit van de persoon, die moet worden gehoord, wordt beoordeeld naar het recht van de Staat, waarin de rogatoire commissie moet worden uitgevoerd.

Regeling
Verdrag tussen het Koninkrijk der Nederlanden en de Bondsrepubliek Duitsland ter verdere vereenvoudiging van het rechtsverkeer, zoals geregeld bij het op 1 maart 1954 te 's-Gravenhage gesloten Verdrag betreffende de burgerlijke rechtsvordering
Soort
Verdrag
Geldend vanaf
03-05-1964
BWB-id
BWBV0004305
Versie
1964-05-03_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl