wetzoeker

Artikel 5 Verdrag tussen het Koninkrijk der Nederlanden en de Republiek Oostenrijk betreffende de wederzijdse erkenning en tenuitvoerlegging van rechterlijke beslissingen en authentieke akten op het gebied van het burgerlijk recht

(1) Elke door een Nederlands gerecht gegeven beslissing, die in Nederland voor tenuitvoerlegging vatbaar is en die op grond van de voorgaande artikelen in Oostenrijk moet worden erkend, kan in Oostenrijk worden tenuitvoergelegd.

(2) Elke door een Oostenrijks gerecht gegeven beslissing, die in Oostenrijk voor tenuitvoerlegging vatbaar is en die op grond van de voorgaande artikelen in Nederland moet worden erkend, kan in Nederland worden tenuitvoergelegd, nadat het bevoegde Nederlandse gerecht de beslissing uitvoerbaar heeft verklaard.

(3) De procedure tot uitvoerbaarverklaring (tenuitvoerlegging) wordt beheerst door het recht van de Hoge Verdragsluitende Partij, in wier gebied de uitvoerbaarverklaring (tenuitvoerlegging) plaatsvindt.

Regeling
Verdrag tussen het Koninkrijk der Nederlanden en de Republiek Oostenrijk betreffende de wederzijdse erkenning en tenuitvoerlegging van rechterlijke beslissingen en authentieke akten op het gebied van het burgerlijk recht
Soort
Verdrag
Geldend vanaf
30-04-1966
BWB-id
BWBV0004290
Versie
1966-04-30_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl