wetzoeker

Nr. II Briefwisseling tussen de Nederlandse, de Belgische en de Luxemburgse Regering enerzijds, en de Pakistaanse Regering anderzijds inzake het gebruik van het zeemansboekje als reisdocument

MINISTERIE VAN BUITENLANDSE ZAKEN

Nr.WE-1/11/67

Islamabad, 20 juni 1967.

Excellentie,

Ik heb de eer, met verwijzing naar Uw brief van 15 juni 1967, gericht tot de Minister van Buitenlandse Zaken van Pakistan, de instemming van de Pakistaanse Regering mede te delen met betrekking tot het sluiten van een Overeenkomst inzake het gebruik van het zeemansboekje als reisdocument, welke Overeenkomst ter kennisneming werd voorgelegd in Uwer Excellentie's bovengenoemde brief en waarvan de tekst hieronder is weergegeven:

(zoals in Nr. I)

Ik heb de eer mede te delen, dat deze brief en Uwer Excellentie's brief van gelijke strekking geacht zullen worden een Overeenkomst te vormen tussen de Pakistaanse Regering en de Regeringen der Beneluxlanden inzake het gebruik van het zeemansboekje als reisdocument.

Gelief, Excellentie, de verzekering van mijn zeer bijzondere hoogachting wel te willen aanvaarden.

(w.g.) S. M. YUSUF S.Pk., CSP,

Staatssecretaris van Buitenlandse Zaken,

Zijner Excellentie de Heer Alex Laboyrie

Buitengewoon en Gevolmachtigd Ambassadeur,

Ambassade van het Koninkrijk der Nederlanden in Pakistan,

Karachi.

Regeling
Briefwisseling tussen de Nederlandse, de Belgische en de Luxemburgse Regering enerzijds, en de Pakistaanse Regering anderzijds inzake het gebruik van het zeemansboekje als reisdocument
Soort
Verdrag
Geldend vanaf
01-07-1967
BWB-id
BWBV0004238
Versie
1967-07-01_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl