wetzoeker

Artikel 1 Overeenkomst tussen de Regering van het Koninkrijk der Nederlanden en de Regering van de Republiek Indonesië inzake de tussen de beide landen nog bestaande financiële vraagstukken

1 In deze Overeenkomst omvat de uitdrukking „bestaande financiële vraagstukken” alle financiële vorderingen van elk der Overeenkomstsluitende Partijen en haar onderdanen op de andere Overeenkomstsluitende Partij en haar onderdanen, hetzij uit hoofde van bilaterale overeenkomsten, hetzij uit anderen hoofde, onder andere pensioenrechten, voor zover deze vorderingen vóór 15 augustus 1962 zijn ontstaan.

2 De uitdrukking „bestaande financiële vraagstukken” omvat niet rechten en verplichtingen die voortspruiten uit de (normale) handelsbetrekkingen tussen beide landen en uit de bestaande bilaterale betalingsovereenkomst, noch de verplichtingen die elk der Partijen heeft tegenover onderdanen van de andere Partij als gevolg van contractuele betrekkingen of van uitspraken van de nationale rechters van een van beide landen.

3 Deze Overeenkomst heeft eveneens betrekking op de verliezen, geleden door Nederlandse onderdanen, als gevolg van de feitelijke onmogelijkheid hun eigendomsrechten, bedoeld in het derde lid van artikel XXII van de Overeenkomst tussen het Koninkrijk der Nederlanden en de Republiek Indonesië inzake Westelijk Nieuw-Guinea (West-Irian), in West-Irian uit te oefenen.

Regeling
Overeenkomst tussen de Regering van het Koninkrijk der Nederlanden en de Regering van de Republiek Indonesië inzake de tussen de beide landen nog bestaande financiële vraagstukken
Soort
Verdrag
Geldend vanaf
21-05-1969
BWB-id
BWBV0004205
Versie
1969-05-21_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl