wetzoeker

Artikel VI Overeenkomst tussen het Koninkrijk der Nederlanden en het Algemeen Hoofdkwartier van de Geallieerde Mogendheden in Europa inzake de bijzondere voorwaarden, die toepasselijk zijn op de vestiging en het functioneren van internationale militaire hoofdkwartieren binnen het Europese grondgebied van het Koninkrijk der Nederlanden

(1.) Zij, die krachtens een Nederlandse wettelijke bepaling bevoegd zijn een plaats tegen de wil van de rechthebbende te betreden, betreden de gebouwen van een Geallieerd Hoofdkwartier niet dan met toestemming van zijn Commandant of Directeur.

(2.) Zodanige toestemming wordt onmiddellijk verleend aan hen, die schriftelijk tot betreding zijn gemachtigd door de Procureur-Generaal bij het Gerechtshof binnen welks rechtsgebied het gebouw is gelegen.

(3.) Niets in dit artikel doet afbreuk aan de onschendbaarheid van archieven en andere officiële documenten, noch aan de verificatieprocedures, zoals deze zijn neergelegd in artikel 13 van het Protocol.

Regeling
Overeenkomst tussen het Koninkrijk der Nederlanden en het Algemeen Hoofdkwartier van de Geallieerde Mogendheden in Europa inzake de bijzondere voorwaarden, die toepasselijk zijn op de vestiging en het functioneren van internationale militaire hoofdkwartieren binnen het Europese grondgebied van het Koninkrijk der Nederlanden
Soort
Verdrag
Geldend vanaf
13-04-1965
BWB-id
BWBV0004186
Versie
1965-04-13_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl