wetzoeker

Artikel 15 Verdrag betreffende het internationale spoorwegvervoer (COTIF)

§ 1 De voertuigen moeten in een zodanig goede staat van onderhoud gehouden worden dat zij voldoen aan de in artikel 7 omschreven bepalingen. Hun staat bij het rijden of bij het gebruik in het internationaal verkeer mag op geen enkele wijze schadelijk zijn voor de operationele veiligheid, de infrastructuur, het milieu of de volksgezondheid. De voertuigen moeten daartoe beschikbaar gesteld worden voor en onderworpen worden aan de revisies, inspecties en het onderhoud zoals voorgeschreven in het onderhoudsdossier. Het is de verantwoordelijkheid van de houder hiertoe een ECM aan te wijzen.

§ 2 Alvorens te worden toegelaten tot de exploitatie of het gebruik op het netwerk moet voor elk spoorvoertuig een ECM worden aangewezen en deze entiteit wordt geregistreerd in de databank bedoeld in artikel 13. De ECM draagt er door middel van een onderhoudssysteem zorg voor dat de voertuigen met het onderhoud waarvan zij belast is, in staat zijn veilig te rijden. De ECM kan gebruikmaken van onderaannemers, met inbegrip van onderhoudswerkplaatsen.

De Commissie van technisch deskundigen is bevoegd de regels voor certificering en inspectie van ECM’s en onderhoudsfuncties aan te nemen, met inbegrip van de eisen die aan de betrokken partijen worden gesteld. Deze regels zijn vervat in Aanhangsel A bij deze Uniforme Regelen.

Alle ECM’s moeten voldoen aan de vereisten en beoordelingscriteria omschreven in Aanhangsel A bij deze Uniforme Regelen.

De ECM’s voor goederenwagons moeten worden gecertificeerd.

De ECM’s voor andere voertuigen dan goederenwagons moeten gecertificeerd worden, behalve de in Aanhangsel A bij deze Uniforme Regelen toegestane uitzonderingen.

De ECM-certificaten worden enkel verstrekt door een ECM-certificatie-instantie die in een van de Verdragsstaten is geaccrediteerd of erkend overeenkomstig Aanhangsel A bij deze Uniforme Regelen.

§ 3 Voor zover nodig voor het onderhoud stelt de houder aan de ECM de elementen ter beschikking die betrekking hebben op instructies inzake revisies, voortdurende of periodieke monitoring, bijstelling en onderhoud.

De ECM moet, hetzij rechtstreeks hetzij via de houder, waarborgen dat betrouwbare informatie over onderhoud en beperkingen die van invloed zijn op de exploitatie, noodzakelijk en voldoende om een veilige exploitatie te verzekeren, beschikbaar zijn voor de spoorwegexploitant.

De spoorwegexploitant moet, hetzij rechtstreeks hetzij via de houder, de ECM te zijner tijd voorzien van informatie over de exploitatie van de voertuigen (met inbegrip van afgelegde kilometers, type en omvang van de activiteiten, ongevallen of incidenten) waarvoor de ECM verantwoordelijk is.

§ 4 De ECM van een toegelaten voertuig legt van dat voertuig een onderhoudsdossier en dossier omtrent de staat van onderhoud aan en houdt deze actueel. De ECM stelt de houder in kennis van updates van het dossier omtrent de staat van onderhoud. De dossiers moeten beschikbaar zijn voor inspectie door de bevoegde nationale autoriteit.

Regeling
Verdrag betreffende het internationale spoorwegvervoer (COTIF)
Afkortingen
COTIF
Soort
Verdrag
Geldend vanaf
01-01-2025
BWB-id
BWBV0004155
Versie
2025-01-01_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl