wetzoeker

Artikel 33 Verdrag van de Raad van Europa inzake de bescherming van kinderen tegen seksuele uitbuiting en seksueel misbruik

ONDERZOEK, VERVOLGING EN PROCESRECHT

Elke Partij neemt de wetgevende of andere maatregelen die nodig zijn om te waarborgen dat de verjaringstermijn voor het instellen van een procedure met betrekking tot de overeenkomstig de artikelen 18, 19, eerste lid, onderdelen a en b, en 21, eerste lid, onderdelen a en b, strafbaar gestelde feiten een zodanige duur heeft dat het mogelijk is de procedure op doeltreffende wijze in te stellen nadat het slachtoffer meerderjarig is geworden, waarbij deze termijn evenredig is aan de zwaarte van het desbetreffende strafbare feit.

Regeling
Verdrag van de Raad van Europa inzake de bescherming van kinderen tegen seksuele uitbuiting en seksueel misbruik
Soort
Verdrag
Geldend vanaf
01-07-2010
BWB-id
BWBV0004127
Versie
2010-07-01_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl