wetzoeker

Artikel 88 Aanvullend Protocol bij de Verdragen van Genève van 12 augustus 1949, betreffende de bescherming van de slachtoffers van internationale gewapende conflicten (Protocol I)

HET TEGENGAAN VAN INBREUKEN OP DE VERDRAGEN EN DIT PROTOCOL

1 De Hoge Verdragsluitende Partijen verlenen elkaar in zo ruim mogelijke mate rechtshulp in verband met iedere strafrechtelijke procedure, die betrekking heeft op ernstige inbreuken op de Verdragen en dit Protocol.

2 Met inachtneming van de in de Verdragen en in artikel 85, eerste lid, van dit Protocol neergelegde rechten en verplichtingen en wanneer de omstandigheden zulks toelaten, werken de Hoge Verdragsluitende Partijen samen op het gebied van uitlevering. Zij nemen het verzoek van de Staat, op wiens grondgebied de beweerde inbreuk heeft plaatsgevonden, op passende wijze in overweging.

3 De wet van de aangezochte Hoge Verdragsluitende Partij is in alle gevallen van toepassing. De bepalingen van de voorgaande leden laten evenwel onverlet de verplichtingen, voortvloeiende uit de bepalingen van enige andere overeenkomst van bilaterale of multilaterale aard, die het terrein van de wederzijdse rechtshulp in strafzaken geheel of gedeeltelijk beheerst of zal beheersen.

Regeling
Aanvullend Protocol bij de Verdragen van Genève van 12 augustus 1949, betreffende de bescherming van de slachtoffers van internationale gewapende conflicten (Protocol I)
Soort
Verdrag
Geldend vanaf
01-03-1994
BWB-id
BWBV0004091
Versie
1994-03-01_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl