wetzoeker

Bijlage VIII — BIJZONDERHEDEN INZAKE DE TOEPASSING VAN DE WETGEVINGEN VAN DE VERDRAGSLUITENDE PARTIJEN (deel 1) Verdrag betreffende de sociale zekerheid van Rijnvarenden (herzien)

BIJZONDERHEDEN INZAKE DE TOEPASSING VAN DE WETGEVINGEN VAN DE VERDRAGSLUITENDE PARTIJEN

Toepassing van de wetgeving van de Bondsrepubliek Duitsland

1.

a) Voor zover dit niet reeds in de Duitse wetgeving inzake de ongevallenverzekering is voorgeschreven, verlenen de Duitse organen, zolang de getroffene of zijn nagelaten betrekkingen op het grondgebied van een Verdragsluitende Partij wonen, overeenkomstig deze wetgeving eveneens een schadeloosstelling voor de in Elzas-Lotharingen vóór 1 januari 1919 voorgekomen arbeidsongevallen en beroepsziekten, wanneer deze schadeloosstelling niet overeenkomstig het besluit van de Raad van de Volkenbond van 21 juni 1921 (Reichsgesetzblatt, blz. 1289) door de Franse organen is overgenomen.

b) Artikel 9 van dit Verdrag laat onverlet de bepalingen van de Duitse wetgeving krachtens welke de buiten het grondgebied van de Bondsrepubliek Duitsland voorgekomen ongevallen en beroepsziekten, alsmede de buiten dit grondgebied vervulde tijdvakken, niet of slechts onder bepaalde voorwaarden aanleiding geven tot het verlenen van uitkeringen wanneer de rechthebbenden zich buiten het grondgebied van de Bondsrepubliek Duitsland bevinden.

2.

a) Om vast te stellen of tijdvakken welke krachtens de Duitse wetgeving moeten worden beschouwd als premievrije tijdvakken (Ausfallzeiten) of aanvullende tijdvakken (Zurechnungszeiten) als zodanig in aanmerking moeten worden genomen, worden de krachtens de wetgeving van een andere Verdragsluitende Partij verplicht betaalde premies of bijdragen en de aansluiting bij de verzekering van een andere Verdragsluitende Partij gelijkgesteld met de krachtens de Duitse wetgeving verplicht betaalde premies of bijdragen en met de aansluiting bij de Duitse pensioenverzekering. Bij de berekening van het aantal kalendermaanden tussen de datum van aansluiting bij de verzekering en de datum waarop de verzekerde gebeurtenis heeft plaatsgevonden, wordt geen rekening gehouden met de krachtens de wetgeving van een andere Verdragsluitende Partij gelijkgestelde tijdvakken welke tussen deze beide data zijn gelegen en evenmin met de tijdvakken waarover de betrokkene een pensioen of rente heeft genoten.

b) Het bepaalde sub a) is niet van toepassing op de vaste premievrije tijdvakken (pauschale Ausfallzeit). Deze worden uitsluitend vastgesteld in verhouding tot de krachtens de Duitse wetgeving vervulde tijdvakken van verzekering.

c) Voor het in aanmerking nemen van een aanvullend tijdvak (Zurechnungszeit) krachtens de Duitse wetgeving inzake de pensioenverzekering voor mijnwerkers, geldt bovendien als voorwaarde dat de laatste premie of bijdrage die krachtens de Duitse wetgeving is betaald, aan de pensioen verzekering voor mijnwerkers moet zijn betaald.

d) Voor het in aanmerking nemen van de Duitse vervangende tijdvakken (Ersatzzeiten) is alleen de Duitse wetgeving van toepassing.

e) In afwijking van het bepaalde sub d) zijn de volgende bepalingen van toepassing op degenen, die zijn aangesloten bij de Duitse pensioenverzekering en die in het tijdvak van 1 januari 1948 tot en met 31 juli 1963 in de toen onder Nederlands beheer staande Duitse gebieden hebben gewoond: voor het in aanmerking nemen van de Duitse vervangende tijdvakken (Ersatzzeiten) in de zin van artikel 1251, lid 2 van het Wetboek van sociale verzekering (RVO) of van overeenkomstige bepalingen, wordt de storting van de premies of bijdragen aan de Nederlandse sociale verzekering gedurende dit tijdvak gelijkgesteld met het uitoefenen van een verzekeringsplichtige dienstbetrekking of het verrichten van verzekeringsplichtige werkzaamheden in de zin van de Duitse wetgeving.

3. Indien de toepassing van dit Verdrag voor bepaalde organen van de ziekteverzekering buitengewone lasten veroorzaakt, kunnen deze lasten geheel of gedeeltelijk worden gecompenseerd. Het federale verbond van plaatselijke ziekenfondsen beslist als verbindingsorgaan (ziekteverzekering), in overleg met de andere toporganisaties van de ziekteverzekeringsorganen, over de compensatie. De voor de compensatie benodigde middelen worden verkregen door heffingen, welke aan alle organen voor ziekteverzekering worden opgelegd in verhouding tot het gemiddelde aantal leden in het voorafgaande jaar, met uitzondering van gepensioneerden.

4. De Duitse pensioenverzekeringsorganen passen artikel 33, vijfde lid van dit Verdrag niet toe wanneer:

a) de voor 1 januari 1957 geldende wetgeving inzake pensioenberekening van toepassing is;

b) een aanvullend tijdvak (Zurechnungszeit) in aanmerking moet worden genomen;

c) een toeslag voor kinderen of een verhoging van de wezenrente in aanmerking moet worden genomen.

5. Titel III, Hoofdstuk 2 van dit Verdrag is niet van toepassing op de aanvullende pensioenverzekering voor werknemers in de ijzer- en staalindustrie en op de hulpverlening aan bejaarde landbouwers.

6. Artikel 1233 van het Wetboek van sociale verzekering (RVO) en artikel 10 van de Wet inzake de verzekering van bedienden (AVG), gewijzigd bij de wet van 16 oktober 1972, houdende herziening van de pensioenregeling, die de vrijwillige verzekering in het kader van de Duitse pensioenverzekeringen regelen, zijn op personen die aan dit verdrag rechten kunnen ontlenen volgens de volgende regels van toepassing. Indien de algemene voorwaarden zijn vervuld, kunnen de vrijwillige premies of bijdragen aan de Duitse pensioenverzekering worden betaald wanneer:

a) de betrokkene op het grondgebied van de Bondsrepubliek Duitsland zijn domicilie of woonplaats heeft;

b) de betrokkene op het grondgebied van een andere Verdragsluitende Partij zijn domicilie of woonplaats heeft en voordien, op enig tijdstip, verplicht of vrijwillig bij de Duitse pensioenverzekering aangesloten is geweest;

c) de betrokkene op het grondgebied van een derde staat zijn domicilie of woonplaats heeft en gedurende ten minste zestig maanden premies en bijdragen aan de Duitse pensioenverzekering heeft betaald of krachtens de eerder geldende overgangsbepalingen tot de vrijwillige verzekering kunnen worden toegelaten en niet verplicht of vrijwillig verzekerd is krachtens de wetgeving van een andere Verdragsluitende Partij.

7. Voor de verplichte verzekering krachtens de Duitse wetgeving betreffende de ziekteverzekering voor gepensioneerden, worden de tijdvakken van aansluiting bij de ziekteverzekering van een andere Verdragsluitende Partij gelijkgesteld met de tijdvakken van aansluiting bij de Duitse ziekteverzekering en worden de huwelijkstijdvakken met een lid van de ziekteverzekering van een andere Verdragsluitende Partij gelijkgesteld met de huwelijkstijdvakken met een lid van de Duitse ziekteverzekering.

8.

a) Voor de toepassing van dit Verdrag wordt het vaste bedrag dat krachtens de Duitse wetgeving bij bevalling wordt toegekend, beschouwd als een verstrekking.

b) Voor de toekenning van het vaste bedrag bij bevalling ingevolge de Duitse wetgeving, worden de medische onderzoeken welke overeenkomstig de wetgeving van een andere Verdragsluitende Partij zijn uitgevoerd, teneinde gedurende de zwangerschap voldoende en geschikte medische zorg te verzekeren, eveneens in aanmerking genomen.

9. De regelingen ter zake van de verzekeringskosten in de door de Bondsrepubliek Duitsland met andere Staten gesloten overeenkomsten blijven onverlet.

10. Wanneer, op grond van de Duitse wetgeving, behalve aan de voorwaarden voor de toepassing van dit Verdrag, aan de voorwaarden voor de toepassing van een andere overeenkomst of een supranationale regeling, wordt voldaan, houdt het Duitse orgaan, voor de toepassing van dit Verdrag, geen rekening met de andere overeenkomst of met de supranationale regeling. Deze regel is niet van toepassing wanneer de bepalingen betreffende de sociale zekerheid, welke voor de Bondsrepubliek Duitsland voortvloeien uit internationale verdragen of uit het supranationale recht of die de toepassing ervan beogen, regelingen inzake de verzekeringskosten bevatten.

Regeling
Verdrag betreffende de sociale zekerheid van Rijnvarenden (herzien)
Soort
Verdrag
Geldend vanaf
12-06-2008
BWB-id
BWBV0004081
Versie
2008-06-12_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl