wetzoeker

Artikel 11 Europees Verdrag betreffende de erkenning en de tenuitvoerlegging van beslissingen inzake het gezag over kinderen en betreffende het herstel van het gezag over kinderen

Erkenning en tenuitvoerlegging van beslissingen en herstel van het gezag over kinderen

1 Beslissingen inzake het bezoekrecht en bepalingen uit beslissingen inzake het gezag die betrekking hebben op het bezoekrecht, worden erkend en ten uitvoer gelegd onder dezelfde voorwaarden als de overige beslissingen inzake het gezag.

2 De bevoegde autoriteit van de aangezochte Staat kan evenwel nadere regels vaststellen voor de verwezenlijking en de uitoefening van het bezoekrecht, met name rekening houdend met verplichtingen die de partijen daaromtrent op zich hebben genomen.

3 Wanneer geen beslissing inzake het bezoekrecht is gegeven of wanneer de erkenning of de tenuitvoerlegging van de beslissing inzake het gezag is geweigerd, kan de centrale autoriteit van de aangezochte Staat haar bevoegde autoriteiten verzoeken een beslissing inzake het bezoekrecht te geven, indien de persoon die op dit recht aanspraak maakt, hierom verzoekt.

Regeling
Europees Verdrag betreffende de erkenning en de tenuitvoerlegging van beslissingen inzake het gezag over kinderen en betreffende het herstel van het gezag over kinderen
Soort
Verdrag
Geldend vanaf
01-09-1990
BWB-id
BWBV0003995
Versie
1990-09-01_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl