wetzoeker

Overeenkomst tussen het Koninkrijk der Nederlanden en het Koninkrijk België betreffende de culturele betrekkingen tussen de Nederlandse Antillen en België

Soort
Verdrag
Geldend vanaf
16-01-1976
Rechtsgebied
Cultureel recht, Onderwijsrecht
Ministerie
Buitenlandse Zaken
BWB-id
BWBV0003955
Versie
1976-01-16_0
SHA-256 bron
958e115f1a3871322210597bd8663d655fbe312c22a3d8e009c614254c3ee6c2

Officiële tekst op wetten.overheid.nl

Inhoud (8)
  1. Artikel I
  2. Artikel II
  3. Artikel III
  4. Artikel IV
  5. Artikel 1
  6. Artikel 2
  7. Artikel 3
  8. Artikel 4

Overeenkomst tussen het Koninkrijk der Nederlanden en het Koninkrijk België betreffende de culturele betrekkingen tussen de Nederlandse Antillen en België

Artikel I

De Overeenkomstsluitende Partijen zullen de samenwerking tussen België en de Nederlandse Antillen op het gebied van het onderwijs, de wetenschappen en de cultuur bevorderen.

Overeenkomst tussen het Koninkrijk der Nederlanden en het Koninkrijk België betreffende de culturele betrekkingen tussen de Nederlandse Antillen en België

Artikel II

Om de doelstellingen vervat in Artikel I van deze Overeenkomst te verwezenlijken, zullen de Regering van het Koninkrijk België en de Regering van de Nederlandse Antillen een protocol van uitvoering tot stand brengen waarin de wijze van overleg en de gebieden van culturele samenwerking worden bepaald.

Overeenkomst tussen het Koninkrijk der Nederlanden en het Koninkrijk België betreffende de culturele betrekkingen tussen de Nederlandse Antillen en België

Artikel III

Deze Overeenkomst zal in werking treden op de datum waarop de Overeenkomstsluitende Partijen elkaar schriftelijk in kennis zullen hebben gesteld dat in hun land aan de daarvoor geldende vereisten is voldaan.

Overeenkomst tussen het Koninkrijk der Nederlanden en het Koninkrijk België betreffende de culturele betrekkingen tussen de Nederlandse Antillen en België

Artikel IV

Deze Overeenkomst blijft van kracht voor een periode van vijf jaar. Indien zij niet ten minste tien maanden voor het verstrijken van die periode schriftelijk is opgezegd, wordt zij stilzwijgend verlengd voor onbepaalde tijd. In dat geval heeft elk der Overeenkomstsluitende Partijen het recht de Overeenkomst schriftelijk op te zeggen met inachtneming van een termijn van tien maanden.

Protocol van Uitvoering

Artikel 1

Ten einde in ieder van de twee landen de kennis van de cultuur van het andere land te verbeteren, zullen de Partijen de samenwerking op onder meer de volgende gebieden bevorderen:

a) uitwisseling van boeken, tijdschriften en andere publikaties;

b) verspreiding van films en van grammofoonplaten van wetenschappelijke, opvoedkundige of culturele aard, en van andere audiovisuele middelen;

c) verzorging van radio- en televisieuitzendingen;

d) organisatie van culturele manifestaties, zoals tentoonstellingen, toneelvoorstellingen en concerten;

e) uitwisseling van schrijvers, kunstenaars en deskundigen op het gebied van de kunst, het jeugdwerk, de voortdurende scholing, de gemeenschapsontwikkeling, de lichamelijke opvoeding en de sport.

Te dien einde zullen Partijen streven naar het vrije verkeer van materiaal ten behoeve van de in dit Artikel genoemde gebieden van culturele samenwerking.

Protocol van Uitvoering

Artikel 2

De Partijen zullen de samenwerking op het gebied van het onderwijs en van de wetenschap bevorderen.

Te dien einde zullen ze:

a) de uitwisseling van studenten, navorsers, hoogleraren en deskundigen stimuleren, onder meer door het verlenen van financiële faciliteiten:

b) de samenwerking tussen hun onderwijsinrichtingen en hun wetenschappelijke instellingen aanmoedigen;

c) streven, op grond van gelijkwaardige opleidingen, naar de wederzijdse erkenning van studiegetuigschriften en diploma's.

Protocol van Uitvoering

Artikel 3

Met het oog op de uitvoering van dit Protocol zal een vaste gemengde commissie worden opgericht, bestaande uit een Belgische en een Nederlands Antilliaanse sectie, van vier leden elk. Deze leden zullen worden benoemd in overeenstemming met de daarvoor in de onderscheiden landen geldende regels. De namen van deze leden zullen aan de andere Partij worden bekendgemaakt.

De vaste gemengde commissie zal ten minste om de twee jaar vergaderen, afwisselend in België en in de Nederlandse Antillen, teneinde een gemeenschappelijk programma op te stellen. Ze zal op deze vergaderingen deskundigen kunnen uitnodigen.

Protocol van Uitvoering

Artikel 4

Dit Protocol treedt in werking op de datum van inwerkingtreding van de Overeenkomst tussen het Koninkrijk der Nederlanden en het Koninkrijk België betreffende de culturele betrekkingen tussen België en de Nederlandse Antillen, ondertekend te Den Haag op 4 juni 1975, en zal van kracht blijven voor dezelfde periode als voornoemde Overeenkomst.