wetzoeker

Artikel 12 Overeenkomst ter regeling van de activiteiten van Staten op de maan en andere hemellichamen

1 De Staten die Partij zijn bij deze Overeenkomst, behouden rechtsmacht en zeggenschap over hun personeel, voertuigen, uitrusting, voorzieningen, stations en installaties op de maan. Op de eigendom van ruimtevoertuigen, uitrusting, voorzieningen, stations en installaties is de aanwezigheid daarvan op de maan niet van invloed.

2 Ten aanzien van voertuigen, installaties en uitrusting of de samenstellende delen daarvan, aangetroffen op andere plaatsen dan de beoogde locatie, wordt gehandeld overeenkomstig het bepaalde in artikel 5 van de Overeenkomst inzake de redding van ruimtevaarders, de terugkeer van ruimtevaarders en de teruggave van in de kosmische ruimte gebrachte voorwerpen.

3 In geval van een noodsituatie waarin mensenlevens worden bedreigd, mogen de Staten die Partij zijn bij deze Overeenkomst, gebruik maken van de op de maan aanwezige uitrusting, voertuigen, installaties, voorzieningen of voorraden van andere Staten die Partij zijn bij deze Overeenkomst. Van dit gebruik wordt onverwijld kennis gegeven aan de Secretaris-Generaal van de Verenigde Naties of aan de betrokken Staat die Partij is bij deze Overeenkomst.

Regeling
Overeenkomst ter regeling van de activiteiten van Staten op de maan en andere hemellichamen
Soort
Verdrag
Geldend vanaf
11-07-1984
BWB-id
BWBV0003946
Versie
1984-07-11_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl