wetzoeker

Regel 2 Verdrag inzake een gedragscode voor lijnvaartconferences

1 Indien de verweerder besluit op de eis te antwoorden, zendt hij binnen 30 dagen na de datum waarop hij de eis heeft ontvangen, een antwoord naar de andere partij, met een afschrift aan de Administrateur.

2 Het antwoord dient:

a. een beknopte uiteenzetting in te houden van de desbetreffende feiten die staan tegenover de beweringen in de eis, het eventueel voorstel van de verweerder voor de regeling van het geschil en een door hem geëiste maatregel met het oog op de regeling van het geschil;

b. te vermelden of een hoorzitting wordt verlangd en zo ja, en voor zover dan bekend, de naam en het adres van degenen die een getuigenverklaring zullen afleggen, met inbegrip van de verklaring van deskundigen, voor de verweerder;

c. vergezeld te gaan van de ondersteunende documentatie en van de desbetreffende overeenkomsten en regelingen aangegaan door de partijen die de verweerder noodzakelijk kan achten op het tijdstip van het antwoord;

d. het verlangde aantal bemiddelaars aan te geven, een eventueel voorstel betreffende de benoeming van bemiddelaars, of de naam van de overeenkomstig artikel 32, tweede lid, door de verweerder benoemde bemiddelaars; en

e. eventueel voorstellen te omvatten betreffende het reglement van orde.

3 Het antwoord dient te zijn gedateerd en dient door de partij te zijn ondertekend.

Regeling
Verdrag inzake een gedragscode voor lijnvaartconferences
Soort
Verdrag
Geldend vanaf
06-10-1983
BWB-id
BWBV0003936
Versie
1983-10-06_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl