wetzoeker

Regel 81 Verdrag inzake de verlening van Europese octrooien (Europees Octrooiverdrag)

OPPOSITIEPROCEDURE

1 De oppositieafdeling onderzoekt de gronden voor oppositie waarop de opposant zich beroept in de verklaring bedoeld in regel 76, tweede lid, onderdeel c. De oppositieafdeling kan ambtshalve ook gronden voor oppositie waarop de opposant zich niet beroept onderzoeken, indien deze zich verzetten tegen het in stand blijven van het Europees octrooi.

2 Mededelingen uit hoofde van artikel 101, eerste lid, tweede volzin, en alle antwoorden daarop worden aan alle partijen verzonden. Indien de oppositieafdeling dit wenselijk acht, nodigt zij alle partijen uit om binnen een te stellen termijn te reageren.

3 In elke mededeling overeenkomstig artikel 101, eerste lid, tweede volzin, dient de houder van het Europees octrooi, indien nodig, in de gelegenheid te worden gesteld om voor zover noodzakelijk de beschrijving, de conclusies en de tekeningen te wijzigen. De mededeling dient, indien nodig, gemotiveerd te zijn en de gronden te bevatten die zich tegen het in stand blijven van het Europees octrooi verzetten.

Regeling
Verdrag inzake de verlening van Europese octrooien (Europees Octrooiverdrag)
Afkortingen
EOV, Europees Octrooiverdrag
Soort
Verdrag
Geldend vanaf
01-06-2026
BWB-id
BWBV0003819
Versie
2026-06-01_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl