wetzoeker

Artikel 48 Overeenkomst tot oprichting van het Afrikaanse Ontwikkelingsfonds

Rechtspositie; immuniteiten; vrijstellingen en voorrechten

Alle bestuurders en bewindvoerders en hun plaatsvervangers, de President en het personeel, alsmede deskundigen die voor het Fonds een opdracht vervullen:

(i) genieten immuniteit van rechtsvorderingen ter zake van handelingen uit hoofde van hun ambt verricht;

(ii) genieten, voor zover zij niet de plaatselijke nationaliteit bezitten, geen minder gunstige immuniteiten ten aanzien van immigratiebeperkingen, registratieplicht voor vreemdelingen en militaire dienstplicht, en geen minder gunstige faciliteiten ten aanzien van deviezenbepalingen, dan door de betrokken deelnemende Staat worden toegekend aan de vertegenwoordigers, functionarissen en employés van vergelijkbare rang in dienst van andere internationale financiële instellingen waarvan hij lid is;

(iii) genieten geen minder gunstige behandeling ten aanzien van reisfaciliteiten dan door de betrokken deelnemende Staat worden toegekend aan de vertegenwoordigers, functionarissen en employés van vergelijkbare rang in dienst van andere internationale financiële instellingen waarvan hij lid is.

Regeling
Overeenkomst tot oprichting van het Afrikaanse Ontwikkelingsfonds
Soort
Verdrag
Geldend vanaf
04-07-2003
BWB-id
BWBV0003816
Versie
2003-07-04_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl