wetzoeker

Nr. III Briefwisseling tussen de Nederlandse en de Luxemburgse Regering inzake de overmaking van gerechtelijke en buitengerechtelijke stukken in burgerlijke en handelszaken

AMBASSADE VAN LUXEMBURG

IN NEDERLAND

's-Gravenhage, 14 februari 1974

150/74/420.3

Mijnheer de Minister,

Ik heb de eer de ontvangst te bevestigen van Uwer Excellentie's brieven van 9 januari 1974 en 11 februari 1974 welke de volgende inhoud hebben:

Ik heb de eer Uwe Excellentie mede te delen dat de Regering van het Groothertogdom Luxemburg de boven aangehaalde tekst goedkeurt en er mee instemt dat dit antwoord tezamen met de bovengenoemde brieven van Uwe Excellentie van 9 januari 1974 en 11 februari 1974 een overeenkomst vormt tussen de Regering van het Groothertogdom Luxemburg en het Koninkrijk der Nederlanden.

Ik heb eveneens de eer Uwe Excellentie te bevestigen dat de Luxemburgse Regering er mee instemt dat de inwerkingtreding van de onderhavige overeenkomst in overeenstemming met het voorstel vervat in Haar brief van 11 februari 1974 wordt vastgesteld op 1 april 1974.

Gelieve, Mijnheer de Minister, de hernieuwde verzekering mijner zeer bijzondere hoogachting wel te willen aanvaarden.

(w.g.) ROGER HASTERT

Ambassadeur van Luxemburg

Aan Zijne Excellentie

de Heer M. van der Stoel

Minister van Buitenlandse Zaken

's-Gravenhage

Regeling
Briefwisseling tussen de Nederlandse en de Luxemburgse Regering inzake de overmaking van gerechtelijke en buitengerechtelijke stukken in burgerlijke en handelszaken
Soort
Verdrag
Geldend vanaf
01-04-1974
BWB-id
BWBV0003782
Versie
1974-04-01_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl