wetzoeker

Artikel 9 Overeenkomst tussen de Regering van het Koninkrijk der Nederlanden en de Regering van het Koninkrijk Denemarken inzake het internationale personen- en goederenvervoer over de weg

1 In geval van overtreding van de bepalingen van deze Overeenkomst of van de wetten en verordeningen die van kracht zijn op het grondgebied van een van de Overeenkomstsluitende Partijen door een vervoerder die is gevestigd op het grondgebied van de andere Overeenkomstsluitende Partij, kunnen de bevoegde autoriteiten van de Overeenkomstsluitende Partij op wier grondgebied de overtreding plaatsvond, onder voorbehoud van de straf wettelijke bepalingen die in beide landen van kracht zijn, de vervoerder hetzij tijdelijk, hetzij blijvend uitsluiten van het verrichten van vervoersdiensten op het grondgebied van deze Overeenkomstsluitende Partij. Een zodanige beslissing wordt niet genomen dan na overleg met de autoriteiten van de andere Overeenkomstsluitende Partij.

2 Een zodanige beslissing dient te worden medegedeeld aan de bevoegde autoriteit van de andere Overeenkomstsluitende Partij; deze autoriteit stelt de vervoerder in kennis van de beslissing.

3 Indien geen beslissing tot uitsluiting is genomen, kan de bevoegde autoriteit van de Overeenkomstsluitende Partij op wier grondgebied de overtreding plaatsvond, de bevoegde autoriteit van de andere Overeenkomstsluitende Partij in kennis stellen van de overtreding, en deze autoriteit neemt de maatregelen waarin haar nationale wetgeving voorziet.

Regeling
Overeenkomst tussen de Regering van het Koninkrijk der Nederlanden en de Regering van het Koninkrijk Denemarken inzake het internationale personen- en goederenvervoer over de weg
Soort
Verdrag
Geldend vanaf
06-08-1985
BWB-id
BWBV0003743
Versie
1985-08-06_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl