wetzoeker

V — Uitvoering Verdrag betreffende de minimumleeftijd voor toelating tot het arbeidsproces

Uitvoering

14.

(1) Maatregelen bestemd om uitvoering te geven aan het Verdrag betreffende de minimumleeftijd, 1973 en aan deze Aanbeveling, dienen het volgende te omvatten:

a) het versterken, voor zover noodzakelijk, van de arbeidsinspectie en aanverwante diensten, bijvoorbeeld door de inspecteurs in het bijzonder te instrueren inzake het opsporen en tegengaan van misbruiken betreffende de arbeid in en buiten dienstverband van kinderen en jeugdige personen;

b) het versterken van de diensten belast met de verbetering en de inspectie van de beroepsopleiding in de onderneming.

(2) Met nadruk dient gewezen te worden op het belang van de rol, die de inspecteurs kunnen vervullen door inlichtingen en adviezen te verstrekken inzake de middelen die een doeltreffende toepassing van de desbetreffende bepalingen mogelijk maken, alsmede door de uitvoering van deze bepalingen te waarborgen.

(3) De arbeidsinspectie en de controle op de beroepsopleiding in het bedrijf dienen nauw samen te werken, ten einde een zo groot mogelijke economische doeltreffendheid te waarborgen; in het algemeen dienen de diensten die zich met de arbeid bezighouden te functioneren in nauwe samenwerking met de diensten die zich bezighouden met de opvoeding, de vorming, het welzijn en de beroepskeuzevoorlichting van kinderen en jeugdige personen.

15. Bijzondere aandacht dient te worden besteed:

a) aan de toepassing van de bepalingen betreffende gevaarlijke vormen van arbeid in en buiten dienstverband;

b) voor zover vorming of opleiding verplicht zijn, aan het tegengaan van arbeid in en buiten dienstverband van kinderen en jeugdige personen tijdens de lesuren.

16. De volgende maatregelen dienen te worden getroffen om de controle op de leeftijd van de betrokken personen te vergemakkelijken:

a) de overheid dient zorgt te dragen voor een doeltreffend systeem ter registratie van de geboorten, inhoudende de afgifte van geboortebewijzen;

b) de werkgevers dienen de verplichting te hebben registers of andere documenten ter beschikking te houden van de bevoegde autoriteit, waarin vermeld worden de naam en de leeftijd of geboortedatum, voor zover mogelijk behoorlijk gewaarmerkt, niet alleen van de door hen tewerkgestelde kinderen en jeugdige personen, maar ook van diegenen die beroepskeuzevoorlichting of een beroepsopleiding in hun bedrijf ontvangen;

c) aan kinderen en jeugdige personen die arbeiden op de openbare weg, in uitstallingen op straat, of in openbare gelegenheden, of die werkzaam zijn in ambulante beroepen of andere beroepen waarbij de controle op dergelijke registers of andere documenten niet mogelijk is, dienen vergunningen of andere documenten te worden verstrekt, waaruit blijkt dat zij voldoen aan de voorwaarden voor de desbetreffende arbeid.

Regeling
Verdrag betreffende de minimumleeftijd voor toelating tot het arbeidsproces
Soort
Verdrag
Geldend vanaf
14-09-1977
BWB-id
BWBV0003701
Versie
1977-09-14_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl