wetzoeker

Artikel 31 Verdrag inzake sociale zekerheid tussen het Koninkrijk der Nederlanden en de Republiek Portugal

Werkloosheid

1 De werkloze die, met inachtneming van de artikelen 29 en 30, aan de in de wetgeving van een der Verdragsluitende Partijen gestelde voorwaarden voor het recht op uitkeringen voldoet en die zijn woonplaats naar het grondgebied van de andere Partij overbrengt, wordt geacht eveneens aan de in de wetgeving van de laatstbedoelde Partij gestelde voorwaarden voor het recht op uitkeringen te voldoen.

2 Hij heeft, voor rekening van het orgaan van het land waar hij laatstelijk gewerkt heeft, recht op uitkeringen ingevolge de wetgeving van het land van zijn nieuwe woonplaats, gedurende ten hoogste een tijdvak niet langer dan het tijdvak, gedurende welke hij krachtens de wetgeving van dat land recht op uitkeringen zou hebben gehad, op voorwaarde dat hij binnen 30 dagen na de overbrenging van zijn woonplaats een verzoek bij het orgaan van zijn nieuwe woonplaats indient.

3 De krachtens het vorige lid verleende uitkeringen worden door het orgaan van het land waar hij laatstelijk gewerkt heeft, vergoed. De wijze van vergoeding wordt in een administratief akkoord vastgesteld.

Regeling
Verdrag inzake sociale zekerheid tussen het Koninkrijk der Nederlanden en de Republiek Portugal
Soort
Verdrag
Geldend vanaf
01-01-1981
BWB-id
BWBV0003682
Versie
1981-01-01_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl