wetzoeker

Artikel 1 Overeenkomst tussen de Europese Economische Gemeenschap (EEG) en België, Denemarken, de Bondsrepubliek Duitsland, Frankrijk, Ierland, Italië, Luxemburg, Nederland en het Verenigd Koninkrijk, Lid-Staten van deze Gemeenschap (Lid-Staten), enerzijds en de Internationale Ontwikkelingsassociatie (Associatie) anderzijds

Gebruik van de Speciale-Actierekening

Alle bedragen die in het credit van de Speciale-Actierekening worden geboekt, worden, in overeenstemming met de door de EEG gestelde voorwaarden, door de Beheerder uitsluitend gebruikt om Speciale-Actiekredieten te verlenen aan lid-landen van de Associatie met geringe inkomsten die onmiddellijk behoeften hebben, in het bijzonder onder de minst ontwikkelde

1) Zoals deze termen van tijd tot tijd worden omschreven in of ingevolge resoluties van de Algemene Vergadering van de Verenigde Naties.

en de meest getroffen

1) Zoals deze termen van tijd tot tijd worden omschreven in of ingevolge resoluties van de Algemene Vergadering van de Verenigde Naties.

ontwikkelingslanden, waarvan de ontwikkelingsvooruitzichten door externe factoren ernstig zijn beperkt en die te kampen hebben met algemene problemen op het gebied van de overdracht van middelen en die als gevolg daarvan voor moeilijkheden kunnen komen te staan bij de schulden dienst. Bij het toekennen van deze kredieten zal de Beheerder zich, in overeenstemming met de door de EEG gestelde voorwaarden, laten leiden door de volgende factoren:

i) de relatieve armoede van het betrokken ontwikkelingsland en zijn expansiemogelijkheden op lange termijn;

ii) de mate waarin het betrokken land voor zijn externe kapitaalvoorziening afhankelijk is van ontwikkelingshulp van de overheid;

iii) de mate waarin internationale economische factoren hebben bijgedragen tot de huidige en de te verwachten economische problemen van het land;

iv) ontwikkelingen in en vooruitzichten voor de exportopbrengsten van het land;

v) het vermogen van het land om goederen in te voeren die essentieel zijn voor het ontwikkelingsproces;

vi) de samenstelling en de trend van de schuldendienstverplichtingen van het land en zijn vermogen om nog verdere leningen op te nemen op niet concessionele voorwaarden; en

vii) de mate waarin de problemen van de betrokken landen zouden kunnen worden opgelost via bijdragen uit andere bronnen.

Regeling
Overeenkomst tussen de Europese Economische Gemeenschap (EEG) en België, Denemarken, de Bondsrepubliek Duitsland, Frankrijk, Ierland, Italië, Luxemburg, Nederland en het Verenigd Koninkrijk, Lid-Staten van deze Gemeenschap (Lid-Staten), enerzijds en de Internationale Ontwikkelingsassociatie (Associatie) anderzijds
Soort
Verdrag
Geldend vanaf
01-01-1979
BWB-id
BWBV0003396
Versie
1979-01-01_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl