wetzoeker

Artikel 31 Internationaal Verdrag betreffende de uitwatering van schepen, 1966

1 In geval van vijandelijkheden of andere buitengewone omstandigheden die van invloed zijn op de vitale belangen van een Staat, waarvan de Regering een Verdragsluitende Regering is, kan die Regering de werking van het gehele Verdrag of van een deel daarvan schorsen. De Regering die van deze bevoegdheid gebruik maakt stelt de Organisatie onverwijld van een zodanige schorsing op de hoogte.

2 Een zodanige schorsing ontneemt andere Verdragsluitende Regeringen niet het recht krachtens dit Verdrag toezicht uit te oefenen op schepen van de Regering die van de bevoegdheid tot schorsing gebruik maakt wanneer deze schepen zich in hun havens bevinden.

3 De Regering die tot schorsing heeft besloten kan deze te allen tijde beëindigen en stelt de Organisatie onverwijld van een zodanige beëindiging in kennis.

4 De Organisatie stelt alle Verdragsluitende Regeringen in kennis van elke schorsing of beëindiging van schorsing krachtens dit artikel.

Regeling
Internationaal Verdrag betreffende de uitwatering van schepen, 1966
Soort
Verdrag
Geldend vanaf
01-01-2024
BWB-id
BWBV0003267
Versie
2024-01-01_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl