wetzoeker

Voorschrift 3 Internationaal Verdrag voor de beveiliging van mensenlevens op zee, 1974

ALGEMEEN

1 De Verdragsluitende Regeringen achten het hoogst gewenst niet af te wijken van de vereisten ingevolge dit hoofdstuk; niettemin kan de Administratie aan individuele schepen gedeeltelijke of voorwaardelijke vrijstellingen verlenen van de voorschriften 7 tot en met 11, mits:

.1 deze schepen voldoen aan de functionele vereisten ingevolge voorschrift 4; en

.2 de Administratie rekening heeft gehouden met het gevolg dat deze vrijstellingen kunnen hebben voor de veiligheid van alle schepen in verband met de algemene doelmatige hulpverlening.

2 Vrijstellingen uit hoofde van paragraaf 1 kunnen alleen worden verleend:

.1 indien de omstandigheden die op de veiligheid van invloed zijn, zodanig zijn dat de volledige toepassing van de voorschriften 7 tot en met 11 onredelijk of onnodig is; of

.2 in uitzonderlijke omstandigheden, voor een eenmalige reis buiten het zeegebied of de zeegebieden waarvoor het schip is uitgerust.

3 Elke Administratie moet bij de Organisatie een rapport indienen, waarin alle vrijstellingen die op grond van de paragrafen 1 en 2 werden verleend, zijn vermeld en waarin de redenen voor het verlenen van die vrijstellingen zijn opgegeven.

Regeling
Internationaal Verdrag voor de beveiliging van mensenlevens op zee, 1974
Afkortingen
SOLAS, SOLAS 1974
Soort
Verdrag
Geldend vanaf
01-01-2026
BWB-id
BWBV0003264
Versie
2026-01-01_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl