wetzoeker

Voorschrift 37 Internationaal Verdrag voor de beveiliging van mensenlevens op zee, 1974

DIVERSEN

1 De verlaatrol moet bijzonderheden bevatten inzake het algemeen alarmsignaal en het scheepsomroepsysteem voorgeschreven in sectie 7.2 van de Code, en tevens de maatregelen aangeven die door bemanning en passagiers moeten worden genomen wanneer dit alarm wordt gegeven. De verlaatrol moet ook aangeven hoe het sein „schip-verlaten” wordt gegeven.

2 Op elk passagiersschip moeten procedures zijn voor het localiseren en redden van passagiers die vastzitten in hun hutten.

3 De verlaatrol moet de taken aangeven die zijn opgedragen aan de verschillende bemanningsleden, waaronder:

.1 het sluiten van de waterdichte deuren, branddeuren, afsluiters, spuigaten, zijpoorten, dakramen, patrijspoorten, en soortgelijke openingen in het schip;

.2 het uitrusten van de reddingsboten en -vlotten en andere reddingsmiddelen;

.3 het gereed maken en te water laten van reddingsboten en -vlotten;

.4 het gereed maken van andere reddingsmiddelen in het algemeen;

.5 het verzamelen van de passagiers;

.6 het gebruik van de communicatieuitrusting;

.7 het bemannen van de brandweerploegen die aangewezen zijn om branden te bestrijden;

.8 bijzondere taken opgedragen in verband met het gebruik van de brandbestrijdingsuitrusting en -installaties; en

.9 uitsluitend bij passagiersschepen, schadebeheersing in noodgevallen waarbij het schip volloopt.

4 De verlaatrol moet aangeven welke officieren zijn aangewezen om ervoor te zorgen dat de reddings- en brandbestrijdingsmiddelen in goede staat en klaar voor onmiddellijk gebruik worden gehouden.

5 De verlaatrol moet vervangers aangeven voor de belangrijkste personen, indien dezen niet tot handelen in staat zouden zijn, rekening houdende met het gegeven dat verschillende noodsituaties verschillende maatregelen noodzakelijk maken.

6 Op de verlaatrol moeten de aan de bemanning opgedragen taken in noodsituaties ten aanzien van de passagiers worden aangegeven. Deze taken moeten onder meer omvattten:

.1 het waarschuwen van de passagiers;

.2 het erop toezien dat zij voldoende gekleed zijn en dat zij hun reddingsgordels goed hebben aangetrokken;

.3 het verzamelen van de passagiers op hun verzamelplaatsen;

.4 het bewaren van de orde in de gangen en op de trappen en algemeen toezicht uitoefenen op de verplaatsing van de passagiers; en

.5 het ervoor zorgen dat een voorraad dekens naar de reddingsboten en -vlotten wordt gebracht.

7. De verlaatrol moet zijn opgemaakt voordat het schip zee kiest. Nadat de verlaatrol eenmaal is opgemaakt, moet de kapitein wanneer een verandering in de samenstelling van de bemanning wijziging van de verlaatrol noodzakelijk maakt, de verlaatrol herzien of een nieuwe verlaatrol opmaken.

8. De verlaatrol op passagiersschepen moet goedgekeurd zijn.

Regeling
Internationaal Verdrag voor de beveiliging van mensenlevens op zee, 1974
Afkortingen
SOLAS, SOLAS 1974
Soort
Verdrag
Geldend vanaf
01-01-2026
BWB-id
BWBV0003264
Versie
2026-01-01_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl