wetzoeker

Voorschrift 3-10 Internationaal Verdrag voor de beveiliging van mensenlevens op zee, 1974

STRUCTUUR VAN SCHEPEN

1 Dit voorschrift is van toepassing op olietankschepen met een lengte van 150 m of meer en op bulkcarriers met een lengte van 150 m of meer, gebouwd met enkel dek, top-zijtanks en hopper-zijtanks in de laadruimen, met uitzondering van ertsschepen en combinatiecarriers:

.1 waarvoor het bouwcontract is afgesloten op of na 1 juli 2016;

.2 waarvan, bij het ontbreken van een bouwcontract, de kiel is gelegd of waarvan de bouw zich in een soortgelijk stadium bevindt op of na 1 juli 2017; of

.3 waarvan de oplevering plaatsvindt op of na 1 juli 2020.

2 Schepen dienen zodanig voor een omschreven levensduur te worden ontworpen en gebouwd dat zij, wanneer zij onder de omschreven bedrijfs-, en milieuomstandigheden naar behoren worden geëxploiteerd en onderhouden, hun gehele levensduur, in onbeschadigde en beschadigde toestand als omschreven, veilig en milieuvriendelijk zijn.

2.1. Onder veilig en milieuvriendelijk wordt verstaan dat het schip over voldoende sterkte, dichtheid en stabiliteit dient te beschikken om het gevaar van vergaan van het schip of vervuiling van het mariene milieu ten gevolge van falen van de bouw, met inbegrip van het bezwijken, hetgeen kan leiden tot vervuld raken of verlies van de waterdichtheid, te beperken.

2.2. Onder milieuvriendelijk wordt voorts verstaan dat het schip wordt gebouwd van materialen die geschikt zijn voor milieuvriendelijk hergebruik.

2.3. Onder veilig worden voorts begrepen de bouw van het schip, scheepsonderdelen en -middelen voor veilige toegang, ontsnapping, inspectie en deugdelijk onderhoud, en die een veilige bedrijfsvoering mogelijk maken.

2.4. Omschreven bedrijfs-, en milieuomstandigheden worden bepaald aan de hand van het beoogde vaargebied voor het schip gedurende zijn levensduur en hebben betrekking op de omstandigheden, met inbegrip van bijkomende omstandigheden, voortvloeiend uit lading- en ballasthandelingen in havens, op waterwegen en op zee.

2.5. Onder omschreven levensduur wordt verstaan de nominale tijd die het schip geacht wordt bloot te staan aan bedrijfs-, en/of milieuomstandigheden en/of het corrosieve milieu en wordt gebruikt voor het selecteren van geschikte parameters voor het ontwerp van het schip.

De werkelijke levensduur van het schip kan echter langer of korter zijn, afhankelijk van de feitelijke bedrijfsomstandigheden en het onderhoud van het schip gedurende zijn levenscyclus.

3 De vereisten van de paragrafen 2 tot en met 2.5 worden verwezenlijkt door te voldoen aan de toepasselijke eisen voor de bouw van een overeenkomstig de bepalingen van voorschrift XI-1/1 erkende organisatie of aan de nationale normen van de Administratie die beantwoorden aan de functionele vereisten van de Doelgerichte normen voor de bouw van bulkcarriers en olietankschepen.

4 Bij de oplevering van een nieuw schip wordt een Scheepsbouwdossier met specifieke informatie over de manier waarop de functionele vereisten van de Doelgerichte normen voor de bouw van bulkcarriers en olietankschepen zijn toegepast bij het ontwerp en de bouw van het schip overhandigd en aan boord van het schip en/of aan de wal bewaard. Het wordt indien nodig geactualiseerd gedurende de levensduur van het schip. De inhoud van het Scheepsbouwdossier voldoet ten minste aan de door de Organisatie opgestelde richtlijnen.

Regeling
Internationaal Verdrag voor de beveiliging van mensenlevens op zee, 1974
Afkortingen
SOLAS, SOLAS 1974
Soort
Verdrag
Geldend vanaf
01-01-2026
BWB-id
BWBV0003264
Versie
2026-01-01_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl