wetzoeker

Voorschrift 34 Internationaal Verdrag van Torremolinos voor de beveiliging van vissersvaartuigen, 1977

STABILITEIT EN DAARMEE VERWANTE ZEEWAARDIGHEID

(1) In geval van vaartuigen voor bedrijfsuitoefening in vaargebieden waar het waarschijnlijk is dat ijsafzetting kan worden verwacht, moet het onderstaande met betrekking tot ijsafzetting bij het berekenen van de stabiliteit in aanmerking worden genomen:

*) [Red: Zie voor wat betreft vaargebieden waar ijsafzetting kan worden verwacht en ten aanzien waarvan wijzigingen inzake de invloed van de ijsafzetting worden voorgesteld, de Richtlijn betreffende ijsafzetting, opgenomen in Aanbeveling 3 van Aanhangsel 3 van de Slotakte van de Conferentie.]

(a) 30 kilogram per vierkante meter op blootgestelde dekken en gangboorden;

(b) 7,5 kilogram per vierkante meter van het geprojecteerde zijdelingse oppervlak aan elke zijde van het vaartuig boven de waterlijn;

(c) het geprojecteerde zijdelingse oppervlak van niet doorlopende oppervlakken van reling, laadgerei (behalve masten) en rondhout en tuig van vaartuigen die geen zeilen voeren, en het geprojecteerde zijdelingse oppervlak van andere kleine voorwerpen moeten berekend worden door het totale geprojecteerde ononderbroken oppervlak met 5 procent en de statische momenten van dit vlak met 10 procent te vermeerderen.

(2) Vaartuigen bestemd voor bedrijfsuitoefening in vaargebieden waarvan het bekend is dat zich ijsafzetting kan worden verwacht, moeten:

(a) zodanig zijn ontworpen dat ijsafzetting tot een minimum wordt beperkt; en

(b) met zodanige middelen voor het verwijderen van ijs uitgerust zijn als de Administratie meent te moeten voorschrijven.

Regeling
Internationaal Verdrag van Torremolinos voor de beveiliging van vissersvaartuigen, 1977
Soort
Verdrag
Geldend vanaf
02-04-1977
BWB-id
BWBV0003251
Versie
1977-04-02_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl