wetzoeker

Voorschrift C-1 Internationaal Verdrag voor de controle en het beheer van ballastwater en sedimenten van schepen, 2004

- SPECIALE VEREISTEN IN BEPAALDE GEBIEDEN

1. Indien een Partij afzonderlijk of gezamenlijk met andere Partijen bepaalt dat naast de maatregelen vervat in Afdeling B aanvullende maatregelen noodzakelijk zijn om de verplaatsing van schadelijke aquatische organismen en ziektekiemen via het ballastwater en de sedimenten van schepen te voorkomen, te beperken of uit te bannen, kan een dergelijke Partij of kunnen dergelijke Partijen, in overeenstemming met het internationale recht verlangen dat schepen voldoen aan een specifieke norm of aan specifieke vereisten.

2. Alvorens uit hoofde van punt 1 normen of vereisten vast te stellen, dient een Partij of dienen Partijen te overleggen met de aangrenzende of andere Staten die van deze normen of vereisten gevolgen kunnen ondervinden.

3. Een Partij die beoogt of Partijen die beogen aanvullende maatregelen in overeenstemming met punt 1 in te voeren:

.1 houden rekening met de door de Organisatie opgestelde richtlijnen.

.2 geven hun voornemen aanvullende maatregelen te treffen ten minste zes maanden voorafgaand aan de beoogde datum van implementatie door aan de Organisatie, behalve in noodsituaties of in geval van epidemieën. Daarbij dienen te worden vermeld:

.1 de precieze coördinaten van de gebieden waar de aanvullende maatregel(en) van toepassing is (zijn);

.2 de noodzaak en redenen voor de toepassing van de aanvullende maatregel(en), zo mogelijk met inbegrip van het nut ervan;

.3 een beschrijving van de aanvullende maatregel(en); en

.4 eventuele regelingen die kunnen worden getroffen teneinde te bevorderen dat schepen kunnen voldoen aan de aanvullende maatregel(en).

.3 verkrijgen voorzover vereist op grond van het internationaal gewoonterecht, zoals vervat in het Verdrag van de Verenigde Naties inzake het recht van de zee, indien van toepassing, toestemming van de Organisatie.

4. Bij de invoering van dergelijke aanvullende maatregelen dient een Partij of dienen Partijen te trachten alle nodige diensten beschikbaar te stellen, waaronder, maar niet beperkt tot kennisgeving aan zeelieden inzake gebieden, beschikbare en alternatieve routes of havens, voorzover praktisch uitvoerbaar, teneinde de overlast voor het schip te beperken.

5. Eventuele aanvullende maatregelen die door een Partij of Partijen zijn genomen mogen niet ten koste gaan van de veiligheid van het schip en in geen geval in strijd zijn met eventuele andere verdragen waaraan het schip moet voldoen.

6. Partijen die aanvullende maatregelen nemen kunnen deze gedurende een periode of onder bepaalde voorwaarden opschorten, indien zij dit opportuun achten.

Regeling
Internationaal Verdrag voor de controle en het beheer van ballastwater en sedimenten van schepen, 2004
Afkortingen
BWM 2004
Soort
Verdrag
Geldend vanaf
01-10-2025
BWB-id
BWBV0003219
Versie
2025-10-01_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl