wetzoeker

2 — Reikwijdte van en nadere regelingen voor de procedure van artikel 16, lid 2, van de Overeenkomst Multilaterale Overeenkomst tussen de Europese Gemeenschap en haar lidstaten, de Republiek Albanië, Bosnië en Herzegovina, de Republiek Bulgarije, de Republiek Kroatië, de Republiek IJsland, de Republiek Montenegro, de voormalige Joegoslavische Republiek Macedonië, het Koninkrijk Noorwegen, de Republiek Servië, Roemenië en de Missie van de Verenigde Naties voor interimbestuur in Kosovo (UNMIK) betreffende de totstandbrenging van een Europese Gemeenschappelijke Luchtvaartruimte

Reikwijdte van en nadere regelingen voor de procedure van artikel 16, lid 2, van de Overeenkomst

1. Wanneer een overeenkomstsluitende partij overeenkomstig artikel 16, lid 2, tweede zin, een besluit neemt over de reikwijdte van en de nadere regelingen voor de procedure voor het voorleggen van zaken aan het Hof van Justitie, dient in dat besluit het volgende te worden bepaald:

a. een rechterlijke instantie van die overeenkomstsluitende partij waarvan de beslissingen volgens het nationale recht niet vatbaar zijn voor hoger beroep, moet het Hof van Justitie verzoeken om een prejudiciële uitspraak over een vraag betreffende de geldigheid of de uitlegging van een besluit als bedoeld in artikel 16, lid 2, die wordt opgeworpen in een bij haar aanhangig gemaakte zaak, indien die rechterlijke instantie een beslissing op dit punt noodzakelijk acht voor het wijzen van haar vonnis, of

b. een rechterlijke instantie van die overeenkomstsluitende partij kan het Hof van Justitie verzoeken om een prejudiciële uitspraak over een vraag betreffende de geldigheid of de uitlegging van een besluit als bedoeld in artikel 16, lid 2, die wordt opgeworpen in een bij haar aanhangig gemaakte zaak, indien die rechterlijke instantie een beslissing op dit punt noodzakelijk acht voor het wijzen van haar vonnis.

2. De uitvoeringsbepalingen van artikel 16, lid 2, zijn gebaseerd op de principes die zijn neergelegd in de wettelijke bepalingen tot regeling van de werking van het Hof van Justitie, met inbegrip van de desbetreffende bepalingen van het EG-Verdrag, het statuut en het reglement voor de procesvoering van het Hof van Justitie, alsook de jurisprudentie daarvan. Wanneer een beslissing over de uitvoeringsbepalingen van deze bepaling moet worden genomen, houdt de overeenkomstsluitende partij tevens rekening met de praktische richtsnoeren die door het Hof van Justitie zijn gepubliceerd in de informatienota met wenken voor de indiening van prejudiciële verzoeken door de nationale rechters.

Regeling
Multilaterale Overeenkomst tussen de Europese Gemeenschap en haar lidstaten, de Republiek Albanië, Bosnië en Herzegovina, de Republiek Bulgarije, de Republiek Kroatië, de Republiek IJsland, de Republiek Montenegro, de voormalige Joegoslavische Republiek Macedonië, het Koninkrijk Noorwegen, de Republiek Servië, Roemenië en de Missie van de Verenigde Naties voor interimbestuur in Kosovo (UNMIK) betreffende de totstandbrenging van een Europese Gemeenschappelijke Luchtvaartruimte
Afkortingen
ECAA, ECAA-Overeenkomst
Soort
Verdrag
Geldend vanaf
01-12-2017
BWB-id
BWBV0003210
Versie
2017-12-01_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl