wetzoeker

C — Financiering van het partnerschap Tijdelijke economische partnerschapsovereenkomst tussen de Europese Gemeenschap en haar lidstaten, enerzijds, en Centraal-Afrika, anderzijds

Financiering van het partnerschap

Wat de financiering van de EPO betreft, is Centraal-Afrika net als andere regio’s van oordeel dat de maatregelen voor de capaciteitsopbouw en de andere steunmaatregelen die niet alleen wegens de met de aanpassing gemoeide kosten maar ook wegens de andere compenserende maatregelen noodzakelijk zijn, moeten worden gefinancierd uit specifieke middelen die los staan van de middelen die gewoonlijk in het kader van de NIP’s en RIP’s voor de klassieke samenwerking tussen de ACSstaten en de EU worden toegekend. Het regionale EPO-fonds is bedoeld als instrument om de steun door de EU (EG en lidstaten) en andere donoren te coördineren en derhalve zal de financiering van de regionale infrastructuur en de voor interconnectie vereiste voorzieningen via dit fonds geschieden.

Het door de EG voorgestelde financiële kader omvat de volgende elementen:

i. verhoging van de middelen voor het RIP 09/10 EOF, NIP/RIP-interface, 10e EOF eind 2013, maar Cotonou tot eind 2020 (na de integratie van de Democratische Republiek Congo in de Centraal-Afrikaanse regio);

ii. koppeling met het partnerschap voor infrastructuur (voor alle ACS-landen);

iii. conclusies van de RAZEB van oktober 2006 over hulp voor handel;

iv. wettelijke verbintenissen in de EPO;

v. vrijwillige bijdragen van de landen in de regio;

vi. steun van andere partners bij de ontwikkeling.

Steunmaatregelen voor de basisinfrastructuur en op andere gebieden die niet rechtstreeks verband houden met de uitvoering van de EPO, worden uitgewerkt en bekostigd door de daartoe aangewezen instrumenten, met name in het kader van de Overeenkomst van Cotonou.

De Europese Commissie wijst erop dat bij de toekenning van middelen uit het regionale EPO-fonds de volgende gebieden als prioritair gelden:

i. steun ter bevordering van het concurrentievermogen en de diversificatie van de onder de EPO vallende productiesectoren, in zowel de primaire, secundaire als tertiaire sector (bv. versterking van de „kwaliteitsinfrastructuur” ter ondersteuning van de uitvoer; expertiseloketten voor ondernemingen; ontwikkeling van starterscentra; acties ter verbetering van de toegang tot krediet voor ondernemingen in de regio, met name voor het midden- en kleinbedrijf; in kaart brengen en bevordering van producten en diensten van de regio (levensmiddelensectoren, toerisme, mijnbouw, zakelijke dienstverlening);

ii. bijdrage aan het absorberen van het netto-effect van de EPO op belastinggebied, in volledige complementariteit met de belastinghervormingen;

iii. steun bij de uitvoering van de in de EPO opgenomen bepalingen (bv. steun voor de EPO-organen; ondersteuning van het regionaal beleid op door de EPO bestreken gebieden en andere acties die tot verbetering van het ondernemingsklimaat kunnen bijdragen; ondersteuning van belasting- en douanediensten en andere acties die tot de totstandbrenging van een regionale markt in Centraal-Afrika kunnen bijdragen).

Regeling
Tijdelijke economische partnerschapsovereenkomst tussen de Europese Gemeenschap en haar lidstaten, enerzijds, en Centraal-Afrika, anderzijds
Soort
Verdrag
Geldend vanaf
22-01-2009
BWB-id
BWBV0003195
Versie
2009-01-22_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl