wetzoeker

Artikel 7 Verdrag van de Verenigde Naties inzake het recht van de zee

BASISVOORWAARDEN VOOR PROSPECTIE, EXPLORATIE EN EXPLOITATIE

1 Zes maanden na de inwerkingtreding van dit Verdrag en elke vierde maand daarna bestudeert de Autoriteit de in de onmiddellijk daaraan voorafgaande periode ingediende aanvragen om een produktievergunning. De Autoriteit verleent de aangevraagde vergunningen indien al deze aanvragen kunnen worden goedgekeurd zonder de produktiegrens te overschrijden of inbreuk te maken op verplichtingen van de Autoriteit krachtens een grondstoffenovereenkomst of -regeling waarbij zij partij is geworden zoals bedoeld in artikel 151.

2 Wanneer uit de aanvragers van produktievergunningen een keuze moet worden gemaakt wegens de in artikel 151, tweede tot en met zevende lid, vastgestelde produktiegrens of wegens de verplichtingen van de Autoriteit krachtens een grondstoffenovereenkomst of -regeling waarbij zij partij is geworden, zoals bepaald in artikel 151, eerste lid, verricht de Autoriteit de keuze op basis van objectieve en non-discriminatoire normen, vervat in haar regels, voorschriften en procedures.

3 Bij de toepassing van het tweede lid geeft de Autoriteit de voorrang aan die aanvragers die:

a. een betere garantie van doelmatigheid geven, gezien hun financiële en technische vermogen en de wijze waarop zij eventueel eerder goedgekeurde werkplannen hebben uitgevoerd;

b. eerder vooruitzicht op financiële voordelen voor de Autoriteit bieden, rekening houdend met de datum als voorzien voor de aanvang van de commerciële produktie;

c. reeds de meeste middelen in prospectie en exploratie hebben geïnvesteerd, en de grootste inspanningen daarvoor hebben verricht.

4 Aanvragers die in een bepaalde periode niet zijn gekozen hebben in volgende perioden voorrang totdat zij een produktievergunning ontvangen.

5 De keuze geschiedt met inachtneming van de noodzaak alle Staten die Partij zijn ruimere mogelijkheden te bieden deel te nemen aan de werkzaamheden in het Gebied en van de noodzaak monopolisering van deze werkzaamheden te voorkomen, en wel ongeacht het sociale en economische stelsel of de geografische ligging van deze Staten, ten einde discriminatie ten aanzien van een Staat of stelsel te vermijden.

6 Wanneer minder gereserveerde gebieden dan niet-gereserveerde gebieden worden geëxploiteerd, hebben aanvragen om produktievergunningen met betrekking tot gereserveerde gebieden voorrang.

7 De in dit artikel bedoelde beslissingen worden zo spoedig mogelijk na de afloop van elk tijdvak genomen.

Regeling
Verdrag van de Verenigde Naties inzake het recht van de zee
Afkortingen
UNCLOS, VN Zeerechtverdrag
Soort
Verdrag
Geldend vanaf
28-07-1996
BWB-id
BWBV0003172
Versie
1996-07-28_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl