wetzoeker

Artikel 13 Verdrag tussen het Koninkrijk der Nederlanden en de Republiek Korea inzake wederzijdse administratieve bijstand in douanezaken

UITVOERING VAN VERZOEKEN

1 Door de verzoekende autoriteit aangewezen ambtenaren kunnen, met instemming van de aangezochte autoriteit en onder voorwaarden die laatstgenoemde hieraan kan verbinden, ten behoeve van onderzoek naar een inbreuk op de douanewetgeving, op schriftelijk verzoek:

a. ten kantore van de aangezochte autoriteit de documenten, registers en andere van belang zijnde gegevens raadplegen om daaruit alle informatie met betrekking tot die inbreuk op de douanewetgeving over te nemen;

b. kopieën maken van de documenten, registers en andere gegevens die met betrekking tot die inbreuk op de douanewetgeving van belang zijn;

c. aanwezig zijn bij een door de aangezochte autoriteit geleid onderzoek in het douanegebied van de aangezochte Verdragsluitende Partij dat van belang is voor de verzoekende autoriteit.

2 Wanneer ambtenaren van de douaneautoriteit van de ene Verdragsluitende Partij aanwezig zijn op het grondgebied van de andere Verdragsluitende Partij uit hoofde van dit Verdrag, dienen zij te allen tijde in staat te zijn hun ambtelijke hoedanigheid aan te tonen.

Regeling
Verdrag tussen het Koninkrijk der Nederlanden en de Republiek Korea inzake wederzijdse administratieve bijstand in douanezaken
Soort
Verdrag
Geldend vanaf
01-02-2009
BWB-id
BWBV0003150
Versie
2009-02-01_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl