wetzoeker

VERGUNNINGEN EN VERGUNNINGVOORWAARDEN Protocol van 1996 bij het Verdrag inzake de voorkoming van verontreiniging van de zee ten gevolge van het storten van afval en andere stoffen van 1972

17. Het besluit een vergunning te verlenen mag alleen worden genomen nadat alle evaluaties van de effecten zijn afgerond en de nodige vereisten ten behoeve van de controle zijn vastgesteld. Voor zover praktisch uitvoerbaar dienen de bepalingen van de vergunning erin te voorzien dat de verstorende of schadelijke gevolgen voor het milieu tot het minimum worden beperkt en de voordelen zo groot mogelijk zijn. Een vergunning dient de volgende gegevens en inlichtingen te bevatten:

.1 de soorten en de oorsprong van de te storten materialen;

.2 de ligging van de stortplaats(en);

.3 de stortmethode; en

.4 de vereisten met betrekking tot controle en verslaglegging.

18. Vergunningen dienen regelmatig opnieuw te worden beoordeeld, rekening houdend met de resultaten van de controle en met de doelstellingen van de controleprogramma’s. Aan de hand van de beoordeling van de resultaten van de controles kan worden bepaald of de programma’s in het veld moeten worden voortgezet, gewijzigd of beëindigd en kunnen gegronde beslissingen worden genomen met betrekking tot de verlenging, wijziging of intrekking van vergunningen. Op deze wijze heeft men de beschikking over een belangrijk mechanisme voor de terugkoppeling van informatie voor de bescherming van de gezondheid van de mens en van het mariene milieu.

Regeling
Protocol van 1996 bij het Verdrag inzake de voorkoming van verontreiniging van de zee ten gevolge van het storten van afval en andere stoffen van 1972
Soort
Verdrag
Geldend vanaf
15-01-2023
BWB-id
BWBV0003139
Versie
2023-01-15_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl