wetzoeker

OVERWEGING VAN DE MOGELIJKHEDEN OP HET GEBIED VAN AFVALBEHEER Protocol van 1996 bij het Verdrag inzake de voorkoming van verontreiniging van de zee ten gevolge van het storten van afval en andere stoffen van 1972

5. Bij de aanvragen voor vergunning voor het storten van afval of andere stoffen moet worden aangetoond dat naar behoren in overweging is genomen de volgende volgorde van opties voor het beheer van afval, die een toenemende mate van belasting voor het milieu betekenen:

.1 hergebruik;

.2 recycling elders;

.3 vernietiging van gevaarlijke componenten;

.4 behandeling ter vermindering of verwijdering van gevaarlijke componenten;

.5 opruiming te land, in de lucht of in het water.

6. Een vergunning voor het storten van afval of andere stoffen dient te worden geweigerd indien de vergunningverlenende instantie van mening is dat er geschikte mogelijkheden bestaan voor het hergebruik, de recycling of de behandeling van het afval zonder onnodige schade te berokkenen aan de gezondheid van de mens of het milieu of zonder dat dit buitensporig hoge kosten met zich meebrengt. Op basis van een vergelijkend onderzoek naar de risico’s van storting in zee en de alternatieve wijzen van opruiming moet worden overwogen of er praktisch uitvoerbare andere wijzen van opruiming bestaan.

Regeling
Protocol van 1996 bij het Verdrag inzake de voorkoming van verontreiniging van de zee ten gevolge van het storten van afval en andere stoffen van 1972
Soort
Verdrag
Geldend vanaf
15-01-2023
BWB-id
BWBV0003139
Versie
2023-01-15_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl