wetzoeker

1 — Tsjechië Protocol bij de Overeenkomst tussen de Europese Gemeenschap en haar lidstaten, enerzijds, en de Zwitserse Bondsstaat, anderzijds, over het vrije verkeer van personen, met het oog op de deelname, als overeenkomstsluitende partijen, van de Tsjechische Republiek, de Republiek Estland, de Republiek Cyprus, de Republiek Letland, de Republiek Litouwen, de Republiek Hongarije, de Republiek Malta, de Republiek Polen, de Republiek Slovenië en de Slowaakse Republiek, op grond van hun toetreding tot de Europese Unie

Tsjechië

a. Tsjechië mag gedurende een periode van vijf jaar na de datum van zijn toetreding tot de EU de in Wet nr. 219/1995 Sb betreffende de buitenlandse handel (gewijzigde versie) vastgestelde regels handhaven ten aanzien van de verwerving van tweede woningen door Zwitserse onderdanen die geen ingezetene zijn van Tsjechië of door vennootschappen die overeenkomstig de Zwitserse wetgeving zijn opgericht en die niet op het grondgebied van Tsjechië zijn gevestigd, en daar evenmin een bijkantoor of een vertegenwoordiging hebben.

b. Tsjechië mag gedurende een periode van zeven jaar na de datum van zijn toetreding tot de EU de regels die zijn vastgelegd in Wet nr. 219/1995 Sb. (betreffende de buitenlandse handel; gewijzigde versie), Wet nr. 229/1991 Sb. (inzake de eigendom van land en andere landbouwbezittingen) en Wet nr. 95/1999 Sb. (inzake de overdracht van landbouwgrond en bossen van de staat aan andere lichamen) handhaven ten aanzien van het verwerven van landbouwgrond en bossen door Zwitserse onderdanen of door vennootschappen die overeenkomstig de Zwitserse wetgeving zijn opgericht en die niet in Tsjechië gevestigd of geregistreerd zijn. Onverminderd een andere bepaling van dit punt 1 mogen Zwitserse onderdanen bij de verwerving van landbouwgrond en bossen in geen geval minder gunstig worden behandeld dan op het moment van de ondertekening van dit Protocol en evenmin mogen op hen stringentere beperkingen van toepassing zijn dan op onderdanen van een derde land.

c. Zelfstandige boeren die onderdaan zijn van Zwitserland en die zich in Tsjechië wensen te vestigen en er wensen te wonen, vallen niet onder de werkingssfeer van het bepaalde sub b en worden niet onderworpen aan andere procedures dan die welke gelden voor de onderdanen van Tsjechië.

d. In het derde jaar na de toetreding van Tsjechië tot de EU dient er een algemene evaluatie van deze overgangsregeling plaats te vinden. Het Gemengd Comité kan besluiten om de in sub a bedoelde overgangsperiode in te korten of te beëindigen.

e. Indien Tsjechië tijdens de overgangsperiode voorwaarden invoert voor de verwerving van onroerend goed in Tsjechië door niet-ingezetenen, dienen die voorwaarden gebaseerd te zijn op transparante, objectieve, duurzame en algemeen bekende criteria. Die criteria dienen op niet-discriminerende wijze te worden toegepast en mogen geen onderscheid maken tussen onderdanen van Tsjechië en van Zwitserland.

f. Als er voldoende aanwijzingen zijn dat er na het verstrijken van de overgangsperiode ernstige verstoringen zullen optreden of dreigen te zullen optreden op de Tsjechische markt voor landbouwgrond, besluit het Gemengd Comité, op verzoek van Tsjechië, de overgangsperiode met maximaal drie jaar te verlengen.

Regeling
Protocol bij de Overeenkomst tussen de Europese Gemeenschap en haar lidstaten, enerzijds, en de Zwitserse Bondsstaat, anderzijds, over het vrije verkeer van personen, met het oog op de deelname, als overeenkomstsluitende partijen, van de Tsjechische Republiek, de Republiek Estland, de Republiek Cyprus, de Republiek Letland, de Republiek Litouwen, de Republiek Hongarije, de Republiek Malta, de Republiek Polen, de Republiek Slovenië en de Slowaakse Republiek, op grond van hun toetreding tot de Europese Unie
Soort
Verdrag
Geldend vanaf
01-04-2006
BWB-id
BWBV0003041
Versie
2006-04-01_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl