wetzoeker

Artikel 34 Protocol inzake een eventuele wijziging van de voorwaarden voor de inwerkingtreding van het Akkoord betreffende Gemeenschapsoctrooien

GEMEENSCHAPPELIJKE BEPALINGEN VOOR DE GEMEENSCHAPSOCTROOIRECHTBANKEN VAN EERSTE EN TWEEDE AANLEG

1 Een Gemeenschapsoctrooirechtbank waarbij een in artikel 15, eerste lid, bedoelde vordering is ingesteld, die niet is een rechtsvordering betreffende de vaststelling van niet-inbreuk, schorst op verzoek van een van de partijen en na de andere partij te hebben gehoord de procedure wanneer de geldigheid van het Gemeenschapsoctrooi reeds bij een andere Gemeenschapsoctrooirechtbank of voor het Gemeenschappelijk Hof van Beroep wordt betwist of wanneer bij het Europees Octrooibureau tegen het Gemeenschapsoctrooi oppositie is ingesteld of een verzoek tot nietigverklaring of beperking van het Gemeenschapsoctrooi is ingediend, tenzij er speciale redenen zijn om de behandeling voort te zetten.

2 Het Europees Octrooibureau, waarbij een verzoek tot nietigverklaring of tot beperking van een Gemeenschapsoctrooi is ingediend, schorst op verzoek van een van de partijen en na de andere partijen te hebben gehoord de procedure wanneer de geldigheid van het Gemeenschapsoctrooi reeds bij een Gemeenschapsoctrooirechtbank of voor het Gemeenschappelijk Hof van Beroep wordt betwist, tenzij er speciale redenen zijn om de behandeling voort te zetten.

Regeling
Protocol inzake een eventuele wijziging van de voorwaarden voor de inwerkingtreding van het Akkoord betreffende Gemeenschapsoctrooien
Soort
Verdrag
Geldend vanaf
15-12-1989
BWB-id
BWBV0002882
Versie
1989-12-15_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl