wetzoeker

Artikel 5 Protocol bij de Europees-mediterrane Overeenkomst waarbij een associatie tot stand wordt gebracht tussen de Europese Gemeenschap en haar lidstaten, enerzijds, en de Democratische Volksrepubliek Algerije, anderzijds, teneinde rekening te houden met de toetreding van de Tsjechische Republiek, de Republiek Estland, de Republiek Cyprus, de Republiek Letland, de Republiek Litouwen, de Republiek Hongarije, de Republiek Malta, de Republiek Polen, de Republiek Slovenië en de Slowaakse Republiek tot de Europese Unie

OVERGANGSBEPALINGEN

Verzoeken om controle achteraf van bewijzen van oorsprong die zijn afgegeven op grond van preferentiële overeenkomsten of autonome regelingen tussen Algerije en de nieuwe lidstaten van de EG kunnen door de bevoegde douaneautoriteiten van Algerije en de nieuwe lidstaten van de EG worden ingediend en worden door die autoriteiten aanvaard gedurende een periode van drie jaar na de afgifte van het betrokken bewijs van oorsprong.

Regeling
Protocol bij de Europees-mediterrane Overeenkomst waarbij een associatie tot stand wordt gebracht tussen de Europese Gemeenschap en haar lidstaten, enerzijds, en de Democratische Volksrepubliek Algerije, anderzijds, teneinde rekening te houden met de toetreding van de Tsjechische Republiek, de Republiek Estland, de Republiek Cyprus, de Republiek Letland, de Republiek Litouwen, de Republiek Hongarije, de Republiek Malta, de Republiek Polen, de Republiek Slovenië en de Slowaakse Republiek tot de Europese Unie
Soort
Verdrag
Geldend vanaf
01-06-2009
BWB-id
BWBV0002867
Versie
2009-06-01_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl