wetzoeker

Artikel 26 Overeenkomst tussen het Koninkrijk der Nederlanden en de Islamitische Republiek Pakistan tot het vermijden van dubbele belasting en het voorkomen van het ontgaan van belasting met betrekking tot belastingen naar het inkomen

BIJZONDERE BEPALINGEN

1 De bepalingen van deze Overeenkomst tasten in geen enkel opzicht de fiscale voorrechten aan die diplomatieke en consulaire ambtenaren ontlenen aan de algemene regels van het volkenrecht of aan de bepalingen van bijzondere overeenkomsten.

2 Niettegenstaande de bepalingen van artikel 4 wordt een natuurlijke persoon die deel uitmaakt van een diplomatieke of consulaire vertegenwoordiging van een van de Staten in de andere Staat of in een derde Staat, voor de toepassing van de Overeenkomst geacht inwoner van de zendstaat te zijn indien:

a) hij in overeenstemming met het internationale recht in de ontvangende Staat ter zake van inkomsten uit bronnen buiten die Staat niet aan belasting is onderworpen, en

b) hij in de zendstaat aan dezelfde verplichtingen ter zake van belasting over zijn totale inkomen is onderworpen als inwoners van die Staat.

3 De Overeenkomst is niet van toepassing op internationale organisaties, hun organen en functionarissen, noch op leden van een diplomatieke of consulaire vertegenwoordiging van een derde Staat die in een van de Staten verblijven, indien zij in die Staat niet aan dezelfde verplichtingen ter zake van belastingen naar het inkomen zijn onderworpen als inwoners van die Staat.

Regeling
Overeenkomst tussen het Koninkrijk der Nederlanden en de Islamitische Republiek Pakistan tot het vermijden van dubbele belasting en het voorkomen van het ontgaan van belasting met betrekking tot belastingen naar het inkomen
Soort
Verdrag
Geldend vanaf
04-10-1982
BWB-id
BWBV0002856
Versie
1982-10-04_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl