wetzoeker

Artikel 22 Verdrag inzake het witwassen, de opsporing, de inbeslagneming en de confiscatie van opbrengsten van misdrijven

BETEKENING EN BESCHERMING VAN RECHTEN VAN DERDEN

1 Bij de behandeling van een verzoek om samenwerking uit hoofde van de afdelingen 3 en 4 erkent de aangezochte Partij alle rechterlijke beslissingen die in de verzoekende Partij zijn gegeven met betrekking tot rechten waarop derden aanspraak maken of hebben gemaakt.

2 Erkenning kan worden geweigerd indien

a. derden onvoldoende gelegenheid hebben gehad hun rechten te doen gelden;

b. de beslissing onverenigbaar is met een beslissing die reeds in de aangezochte Partij is gegeven met betrekking tot dezelfde aangelegenheid; of

c. zij onverenigbaar is met de openbare orde van de aangezochte Partij; of

d. de beslissing is genomen in strijd met de bepalingen inzake de exclusieve rechtsmacht waarin de wetgeving van de aangezochte Partij voorziet.

Regeling
Verdrag inzake het witwassen, de opsporing, de inbeslagneming en de confiscatie van opbrengsten van misdrijven
Soort
Verdrag
Geldend vanaf
01-09-1993
BWB-id
BWBV0002638
Versie
1993-09-01_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl