wetzoeker

Artikel 3 Overeenkomst tussen het Koninkrijk der Nederlanden en de Republiek Guinee inzake luchtvervoer

1 Elke Overeenkomstsluitende Partij heeft het recht om schriftelijk aan de andere Overeenkomstsluitende Partij een luchtvaartmaatschappij aan te wijzen voor de exploitatie van de overeengekomen diensten op de omschreven routes.

2 Na ontvangst van deze aanwijzing verleent de andere Overeenkomstsluitende Partij onverwijld, onverminderd de bepalingen van deze Overeenkomst, aan de aangewezen luchtvaartmaatschappij de passende exploitatievergunningen.

3 De luchtvaartautoriteiten van één van de Overeenkomstsluitende Partijen kunnen verlangen dat de door de andere Overeenkomstsluitende Partij aangewezen luchtvaartmaatschappij het bewijs levert dat zij in staat is te voldoen aan de voorwaarden die op het gebied van de exploitatie van de internationale luchtdiensten worden voorgeschreven door de wetten en voorschriften die gewoonlijk en redelijkerwijze, overeenkomstig de bepalingen van het Verdrag, door de genoemde autoriteiten worden toegepast.

Regeling
Overeenkomst tussen het Koninkrijk der Nederlanden en de Republiek Guinee inzake luchtvervoer
Soort
Verdrag
Geldend vanaf
15-06-1992
BWB-id
BWBV0002583
Versie
1992-06-15_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl