wetzoeker

Regel 24 Akkoord betreffende Gemeenschapsoctrooien

NIETIGHEIDSPROCEDURE

1 De overeenkomstig artikel 57, tweede lid, gedane kennisgevingen en mededelingen, en de antwoorden hierop, worden ter kennis van alle partijen gebracht.

2 In aan de octrooihouder overeenkomstig artikel 57, tweede lid, gedane kennisgevingen wordt deze indien noodzakelijk verzocht, de beschrijving, conclusies en tekeningen in gewijzigde vorm in te dienen.

3 Een aan de octrooihouder overeenkomstig artikel 57, tweede lid, gedane kennisgeving is zo nodig met redenen omkleed. De kennisgeving kan alle gronden bevatten, die zich tegen het in stand blijven van het Gemeenschapsoctrooi verzetten.

4 Alvorens te besluiten, het octrooi in gewijzigde vorm in stand te houden, deelt de nietigheidsafdeling partijen mede in welke omvang zij overweegt, het octrooi in stand te houden en verzoekt zij hun, binnen een maand opmerkingen in te dienen indien partijen niet instemmen met de door de nietigheidsafdeling voorgestelde tekst van het in stand te houden octrooi.

5 Bij gebreke van instemming met de door de nietigheidsafdeling medegedeelde tekst kan de nietigheidsprocedure worden voortgezet; in het tegengestelde geval verzoekt de nietigheidsafdeling bij het verstrijken van de in het vierde lid genoemde termijn de houder van het octrooi, binnen drie maanden zowel de taks voor het drukken van een nieuw octrooischrift te betalen als de in artikel 58, derde lid, sub b), voorgeschreven vertalingen in te dienen.

6 De extra termijn bedoeld in artikel 58, vierde lid, bedraagt twee maanden.

7 In het besluit tot instandhouding van het octrooi in gewijzigde vorm wordt de tekst van het octrooi vermeld, waarmee het octrooi in stand blijft.

Regeling
Akkoord betreffende Gemeenschapsoctrooien
Soort
Verdrag
Geldend vanaf
15-12-1989
BWB-id
BWBV0002414
Versie
1989-12-15_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl