wetzoeker

DEEL III — OPERATIONELE FACTOREN Overeenkomst inzake een uitgebreide politieke regeling van het Kambodjaconflict

OPERATIONELE FACTOREN

8. In overeenstemming met de eerbiediging van de beginselen van nationale soevereiniteit in de landen van tijdelijke opvang en het land van herkomst, en in nauwe samenwerking met de landen van tijdelijke opvang en het land van herkomst, dient door het Bureau van de Hoge Commissaris voor de Vluchtelingen van de Verenigde Naties (UNHCR), het Internationale Comité van het Rode Kruis en andere internationale organisaties op dit gebied, volledige toegang te worden gewaarborgd tot alle Kambodjaanse vluchtelingen en ontheemden, met het oog op de organisaties die de volkstelling verrichten, mensen opsporen, medische hulp verlenen, voedsel verdelen en andere activiteiten verrichten die onmisbaar zijn voor de uitvoering van hun mandaat en operationele verantwoordelijkheden; deze toegang dient ook te worden verschaft in Kambodja, opdat de desbetreffende internationale organisaties hun traditionele controle en hun operationale verantwoordelijkheden kunnen uitoefenen.

9. De Ondertekenaars nemen met voldoening ervan kennis dat de Secretaris-Generaal van de Verenigde Naties in het kader van de uitgebreide politieke regeling de UNHCR heeft belast met het geven van leiding aan en het coördineren van de intergouvernementele organisaties die assisteren bij de repatriëring van en de hulpverlening aan Kambodjaanse vluchtelingen en ontheemden. De Ondertekenaars roepen alle niet-gouvernementele organisaties op hun werk ten behoeve van de Kambodjaanse vluchtelingen en ontheemden zo veel mogelijk te coördineren met dat van de UNHCR.

10. De HNR, de Regeringen van de landen waar de Kambodjaanse vluchtelingen en ontheemden tijdelijk hun toevlucht hebben gezocht en de landen die bijdragen aan de repatriëring en integratie, zullen de repatriëring van degenen die terugkeren nauwlettend willen volgen en vergemakkelijken. Hiertoe zou voor een beperkte tijd een adviesorgaan ad hoc kunnen worden ingesteld. De UNHCR, het Internationaal Comité van het Rode Kruis en andere in aanmerking komende internationale organisaties, alsook de UNTAC, zouden moeten worden uitgenodigd als volwaardige deelnemers hiertoe toe te treden.

11. Naar behoren gecontroleerde kortlopende hulp bij de repatriëring dient onpartijdig te worden verleend, opdat de families en personen die naar Kambodja terugkeren harmonisch hun leven en bestaansmiddelen in hun samenleving kunnen opbouwen. Deze overgangsmaatregelen moeten op langere termijn geleidelijk worden opgeheven en worden vervangen door het programma van wederopbouw.

12. Degenen die verantwoordelijk zijn voor de organisatie van en het toezicht op de repatriëring moeten verzekeren dat veilige omstandigheden worden geschapen voor het verkeer van de vluchtelingen en ontheemden. In dit verband is het dwingend geboden dat passende grensovergangen en routes worden aangewezen, die vrij zijn van mijnen en andere gevaren.

13. De internationale gemeenschap dient ruimhartig bij te dragen aan de voor de repatriëring benodigde fondsen.

Regeling
Overeenkomst inzake een uitgebreide politieke regeling van het Kambodjaconflict
Soort
Verdrag
Geldend vanaf
08-04-1993
BWB-id
BWBV0002254
Versie
1993-04-08_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl