wetzoeker

II — GOEDERENVERVOER Overeenkomst tussen het Koninkrijk der Nederlanden en het Koninkrijk Marokko betreffende het internationale wegvervoer van personen en goederen

GOEDERENVERVOER

1. Voor de toepassing van het bepaalde in artikel 7, tweede lid, van de Overeenkomst mag geen discriminatie worden toegepast tussen de nationale vervoerders en de vervoerders van de andere Partij ten aanzien van de lading van retourvracht.

2. Bovendien worden, ten aanzien van artikel 14, de ritvergunningen en de termijnvergunningen vergezeld van een verslag dat met de vergunning moet worden teruggezonden aan de autoriteit die deze vergunning heeft afgegeven.

Dit verslag bevat de volgende gegevens:

- registratienummer van het voertuig dat het vervoer verricht

- het laadvermogen en het totale gewicht van de lading van het voertuig

- de plaats waar de goederen worden geladen en gelost

- de aard en het gewicht van de vervoerde goederen

- de aftekening door de douane wanneer het voertuig het grondgebied binnenkomt en het verlaat.

3. Contingent

Voor het eerste jaar waarin de Overeenkomst van toepassing is, wordt het jaarlijkse aantal heen- en terugritten die de vervoerders van de ene Staat mogen verrichten op het grondgebied van de andere Staat vastgesteld op 500.

Ten aanzien van het contingent telt iedere termijnvergunning voor 15 ritten.

Regeling
Overeenkomst tussen het Koninkrijk der Nederlanden en het Koninkrijk Marokko betreffende het internationale wegvervoer van personen en goederen
Soort
Verdrag
Geldend vanaf
10-07-1987
BWB-id
BWBV0002205
Versie
1987-07-10_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl