wetzoeker

Artikel 1 Verdrag inzake de toegang tot de rechter in internationale gevallen

RECHTSBIJSTAND

Onderdanen van een Verdragsluitende Staat, alsmede personen die hun gewone verblijfplaats hebben in een Verdragsluitende Staat, hebben in iedere Verdragsluitende Staat recht op rechtsbijstand in burgerlijke en in handelszaken op dezelfde voorwaarden als onderdanen van deze Staat of die daar hun gewone verblijfplaats hebben.

Personen op wie het eerste lid niet van toepassing is, maar die hun gewone verblijfplaats hebben gehad in een Verdragsluitende Staat waar een geding is of wordt aanhangig gemaakt, hebben niettemin recht op rechtsbijstand in de zin van het eerste lid, indien de oorzaak van de vordering voortvloeit uit deze vroegere gewone verblijfplaats.

In Staten waar rechtsbijstand wordt verleend in administratieve, sociale of belastingzaken, is het bepaalde in dit artikel ook van toepassing op zaken gebracht voor de rechter die ter zake bevoegd is.

Regeling
Verdrag inzake de toegang tot de rechter in internationale gevallen
Soort
Verdrag
Geldend vanaf
01-06-1992
BWB-id
BWBV0002024
Versie
1992-06-01_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl