wetzoeker

Artikel 6 Verdrag betreffende de burgerrechtelijke aspecten van internationale ontvoering van kinderen

CENTRALE AUTORITEITEN

Iedere Verdragsluitende Staat wijst een centrale autoriteit aan die de verplichtingen dient na te komen, die hem door het Verdrag zijn opgelegd.

Een federale Staat, een Staat waarin verschillende rechtsstelsels van kracht zijn, of een Staat die zelfstandige territoriale organisaties heeft, is vrij meer dan één centrale autoriteit aan te wijzen en de territoriale omvang van de bevoegdheden van elk van deze autoriteiten te omschrijven. De Staat die van deze mogelijkheid gebruik maakt, wijst de centrale autoriteit aan, waaraan de verzoeken kunnen worden gericht ten einde te worden doorgegeven aan de bevoegde centrale autoriteit binnen deze Staat.

Regeling
Verdrag betreffende de burgerrechtelijke aspecten van internationale ontvoering van kinderen
Soort
Verdrag
Geldend vanaf
01-09-1990
BWB-id
BWBV0002010
Versie
1990-09-01_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl