wetzoeker

Artikel 25 Verdrag inzake de erkenning van echtscheidingen en scheidingen van tafel en bed

Elke Staat kan, uiterlijk op het tijdstip van bekrachtiging of toetreding, een of meer der in de artikelen 19, 20, 21 en 24 van dit Verdrag bedoelde voorbehouden maken. Geen ander voorbehoud is toegestaan.

Elke Verdragsluitende Staat kan eveneens, bij de kennisgeving van een uitbreiding van het Verdrag overeenkomstig artikel 29, een of meer van deze voorbehouden maken met een tot alle of tot bepaalde in de uitbreiding bedoelde gebieden beperkte werking.

Elke Verdragsluitende Staat kan te allen tijde een voorbehoud dat hij heeft gemaakt intrekken. Deze intrekking wordt ter kennis gebracht van het Ministerie van Buitenlandse Zaken van Nederland.

Een zodanig voorbehoud houdt op van kracht te zijn op de zestigste dag volgend op de in de vorige alinea genoemde kennisgeving.

Regeling
Verdrag inzake de erkenning van echtscheidingen en scheidingen van tafel en bed
Soort
Verdrag
Geldend vanaf
22-08-1981
BWB-id
BWBV0002004
Versie
1981-08-22_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl