wetzoeker

Artikel 7 Verdrag inzake het recht dat van toepassing is op erfopvolging

HET TOEPASSELIJKE RECHT

1 Behoudens het bepaalde in artikel 6 beheerst het ingevolge de artikelen 3 en 5, eerste lid, toepasselijke recht de vererving van de gehele nalatenschap, ongeacht waar de goederen zich bevinden.

2 Dit recht beheerst:

a. de aanwijzing van de erfgenamen en legatarissen, de bepaling van de onderscheidene erfdelen van deze personen en de verplichtingen die hun door de overledene zijn opgelegd, alsook andere rechten op de nalatenschap die ontstaan als gevolg van het overlijden, daaronder begrepen toewijzingen uit de nalatenschap door een rechterlijke of een andere autoriteit ten gunste van personen die de overledene na stonden;

b. de onterving en de uitsluiting wegens onwaardigheid;

c. de inbreng en de inkorting van schenkingen en makingen alsmede de wijze waarop deze bij de berekening van de erfdelen worden verwerkt;

d. het beschikbare deel, de wettelijke erfdelen en andere beperkingen van de bevoegdheid om bij uiterste wil te beschikken;

e. de materiële geldigheid van testamentaire beschikkingen.

3 Het tweede lid belet niet dat in een Verdragsluitende Staat het ingevolge dit Verdrag toepasselijk recht wordt toegepast op andere onderwerpen die volgens het recht van die Staat onder het erfrecht vallen.

Regeling
Verdrag inzake het recht dat van toepassing is op erfopvolging
Soort
Verdrag
Geldend vanaf
01-08-1989
BWB-id
BWBV0002000
Versie
1989-08-01_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl